Woord in beeld

Miniaturen horen bij boeken en vaak zelfs bij specifieke teksten. Ze boden verluchters daarom de kans om een directe link te leggen met het deel van het boek waar ze bijhoren. Dit deden bijvoorbeeld de verschillende verluchters die werkzaam waren aan het Sforza getijdenboek. Zij integreerden woord in beeld en maakten tekst tot een betekenisvol onderdeel van de miniaturen.

Birago

Het Sforza getijdenboek in The British Library bevat prachtige miniaturen van verschillende kunstenaars. Dit kostbare getijdenboek kende twee productiefasen. De eerste was een opdracht van Bona Sforza, hertogin van Milaan.

De hertogin gaf de Milanese hofschilder Giovanni Pietro Birago de opdracht om de miniaturen te schilderen voor een luxueus getijdenboek. Birago werkte daarvoor samen met andere schilders onder wie de anonieme verluchter die de Muzio Attendolo Meester wordt genoemd, omdat we de echte naam van de schilder niet kennen.

Enkele van de miniaturen voor het Sforza getijdenboek werden echter van Birago gestolen voordat hij ze aan de hertogin had kunnen overhandigen. Daarna bleef het boek van Bona Sforza onvoltooid.

Horenbout

Bij haar dood in 1503 liet Bona Sforza het onvoltooide boek na aan haar neef Filibert II van Savoye die in 1504 ook overleed. Op dat moment kwam het boek in handen van zijn weduwe Margaretha van Oostenrijk die het meenam naar Mechelen waar zij vanaf 1507 als landvoogdes over de Habsburgse Nederlanden regeerde.

Gerard Horenbout en werkplaats, Visitatie met Margareta van Oostenrijk als Elizabeth, miniatuur in het Sforza getijdenboek, ca. 1517-1520. The British Library, Londen, Add Ms 34 294, f. 61r. (c) The British Library Board. Bron: British Library Digitised Manuscripts

In 1517 gaf de hertogin van Savoye een kopiist opdracht om de ontbrekende delen van het Sforza getijdenboek alsnog aan te vullen. Daarnaast kreeg de hofschilder Gerard Horenbout de taak om daarbij nieuwe miniaturen te schilderen. ZIjn naam verschijnt tussen 1516 en 1522 vaak in de rekeningen van de hertogin. In 1520 krijgt Gerard Horenbout bijvoorbeeld betaald voor 16 ‘belles ystoires, bien enlumynées’ – ongetwijfeld voor het Sforza getijdenboek.

Om het werk naar voldoening af te ronden, werkte hij met andere verluchters in zijn werkplaats samen. Mogelijk namen ook enkele van zijn kinderen, zoals Lucas en Susanna, deel aan het grote verluchtingsproject. Horenbout nam bovendien voor dit boek een tweede kopiist in dienst om enkele ontbrekende folio’s te schrijven. De naam Horenbout is dus, zeker in relatie tot het Sforza getijdenboek, meer een merk dat een samenwerkingsverband aanduidt, dan één persoon. Dit doet echter aan de kwaliteit van verluchting of aan de betekenis van de miniaturen niets af.

Het woord van Johannes

En dan de verluchting: Gedurende de eerste verluchtingscampagne rond 1490-94 droegen Birago en de Muzio Attendolo Meester zorg voor een groot deel van de miniaturen, onder andere van de evangelisten Johannes, Matteüs en Lucas.

De allereerste miniatuur van het boek toont de eerste van de evangelisten: Johannes. Die had zich, naar verluidde, op het eiland Patmos teruggetrokken. Daar schreef hij zijn evangelie dat begint met de woorden “In principio erat verbum” (“In het begin was het woord”). Die woorden zijn te lezen op het uiteinde van de banderol die vanaf de schoot van Johannes naar beneden krult.

Johannes op Patmos met de woorden In principio erat verbum in beeld
Muzio Attendolo Meester, Johannes op het eiland Patmos, miniatuur in het Sforza getijdenboek, ca. 1490-94. The British Library, Londen, Add Ms 34 294, f. 1r. (c) The British Library Board. Bron: British Library online gallery

De Muzio Attendolo Meester portretteerde de auteur van het evangelie. Door de eerste woorden ervan in beeld te integreren, wekte de verluchter tegelijkertijd de suggestie dat de voorgestelde evangelist de woorden die de lezer nu voor ogen heeft, juist heeft opgeschreven. Zo wist de schilder het verband tussen de geportretteerde en de tekst in het boek te versterken.

Het begin volgens Johannes

Het evangelie dat begint met “In principio erat verbum” gaat verder op het verso, de achterkant van het blad met Johannes. Daar lezen we:

en het woord was bij God en het woord was God. Het was in het begin bij God.

et verbum erat apud deum et deus erat verbum. Hoc erat in principio apud deum .

Johannes 1:1

De eerste zinnen van dit evangelie zijn daarmee compleet. Wat schrijft deze druk pennende Johannes dan nog op de banderol op zijn schoot? “Initi(um)” lezen we bij zijn pen. Dat is het woord waarmee kopiisten normaal gesproken tekst introduceren. Voor het Johannesevangelie luidde de gebruikelijke Latijnse introductietekst: “Initium sancti Evangeli secundum Joannem”, oftewel “Begin van het evangelie volgens Johannes”.

De schilder wekte dus de suggestie dat de evangelist hier een introductietekst of rubriek schrijft alvorens verder te gaan met het eigenlijke evangelie. Hierdoor voorkwam de verluchter dat de lezer tweemaal dezelfde woorden onder ogen kreeg. Bovendien hield de schilder hiermee de illusie in stand dat de evangelist ook de tekst op het verso heeft geschreven.

Het woord van Marcus

Enkele decennia later schilderde de Gentse boekverluchter Gerard Horenbout, of zijn zoon Lucas, de toen nog ontbrekende evangelist Marcus. Ook hij is afgebeeld terwijl hij zijn evangelie op schrift stelt. De eerste woorden daarvan “In illo” staan op een banderol.

De Vlaamse schilder sloot aan bij de Italiaanse verluchting door de evangelist te situeren in een Italiaans-geïnspireerd Renaissance decor. Daarentegen draagt Marcus muts met oorkleppen en mantel met bontkraag waarin ook humanistische geleerden aan het hof van Margareta van Oostenrijk zich graag tooiden.

The costume of the Evangelist, with soft cap, fur trim, and green cloak, is of the type popular amongst the middle classes of Flanders in Horenbout’s time.

British Library online gallery (geraadpleegd 7 december 2021)

Deze warme kledingstukken waren bij uitstek geschikt voor de vaak onverwarmde studeerkamers.

Twee werelden

In plaats van de lezer te transporteren naar de tijd waar Marcus zijn evangelie schreef, verplaatste Horenbout de evangelist naar de tijd waarin het boek tot stand kwam, het begin van de 16de eeuw. Horenbout maakte van Marcus een humanistische geleerde aan het werk in zijn studeervertrek.

De verluchter verenigde in deze voorstelling van Marcus de twee werelden waarin het Sforza getijdenboek tot stand kwam. Enerzijds reflecteert de architectuur de leefomgeving van de Italiaanse Bona Sforza die de opdracht gaf tot het getijdenboek. Anderzijds weerspiegelt de kleding het Mechelse hof van Margareta van Oostenrijk die de opdracht had gegeven om het boek te voltooien.

Ook hier integreerde de schilder de eerste woorden van het evangelie in de miniatuur met de schrijvende evangelist/geleerde. Marcus lijkt de woorden “In illo” op een stuk perkament te hebben genoteerd dat zojuist op de grond is gevallen. Daar ligt het nu, zodat de woorden voor ons te lezen zijn.

Annunciatie

Onder de gestolen miniaturen van Birago bevonden zich die voor de kalender en die voor de Mariagetijden. Horenbout voorzag daarom ook elk gebedsuur van de Mariagetijden van een voorstelling. Zoals gebruikelijk is de eerste hiervan de Annunciatie. In Horenbouts versie zien we Maria knielend voor een bidstoel met daarop een geopend boek. Achter haar nadert de aartsengel Gabriël met de boodschap dat zij zwanger zal worden.

Annunciatie met het woord Domine in beeld
Gerard Horenbout en werkplaats, Annunciatie, miniatuur in het Sforza getijdenboek, ca. 1517-1520. The British Library, Londen, Add Ms 34 294, f. 41r. (c) The British Library Board. Bron: British Library Digitised Manuscripts

Ook deze scène is in een Renaissance decor geplaatst dat aansluit bij de oudere Italiaanse miniaturen in het Sforza getijdenboek.

In Annunciatieminiaturen gaat Maria soms volledig op in haar boek of schrikt zij op vanwege de engel. In zijn versie toonde Horenbout het moment van conceptie wanneer de heilige geest op Maria neerdaalt. De kleurige stralenkrans rond de duif, die de heilige geest symboliseert, is tegelijkertijd de nimbus achter het hoofd van Maria. De heilige geest en Maria worden één. In volledige berusting van dit betekenisvolle moment sluit Maria haar ogen en legt zij haar hand op haar borst.

Het vleesgeworden woord

Langs de rand van de omlijsting lezen we het woord ‘Domine’ in beeld. Met dit woord beginnen de Mariagetijden die op het verso van dit blad verdergaan:

Heer open mijn lippen en ik zal voortbrengen uw lof.

Domine labia mea aperies et os meum annunciabit laudem tuam.

Het lijkt geen toeval dat Horenbout het Latijnse woord zo prominent in beeld bracht. Integendeel, met de context van deze voorstelling voorzag hij het van een nieuwe lading. Niet langer is het woord slechts het eerste van de Mariagetijden. Het is meer dan dat: in de scène van de Annunciatie verwijst het woord ‘Domine’ ook naar het woord dat vlees wordt in Maria’s baarmoeder.

Om die associatie tussen woord en vleeswording nog meer kracht bij te zetten, liet Horenbout de tekst ‘Domine’ precies onder Maria plaatsen. De heilige geest, de maagd en het woord staan op dezelfde verticale lijn waardoor het verband tussen de drie extra wordt benadrukt.

Woord en beeld

Gerard Horenbout was van vele markten thuis, als paneelschilder en boekverluchter. Daardoor was hij zich bewust van de mogelijkheden die verschillende media hem boden. Miniaturen gaven een veelzijdig kunstenaar als Horenbout, meer dan panelen, de kans om woord in beeld te integreren en zo de tekst tot leven te wekken.

Vooral het Sforza getijdenboek waarvoor Horenbout nauw samenwerkte met een kopiist, waren voor hem aanleiding om woord in beeld te incorporeren. De Italiaanse miniaturen in het Sforza getijdenboek vormden daarvoor mogelijk een inspiratiebron. In ieder geval voorzag Horenbout beginwoorden van een betekenisvolle lading, zoals ook zijn Italiaanse voorgangers hadden gedaan.


Meer lezen?

  • Giovan Pietro Birago” en “Gerard Horenbout“. In Lexikon van Boekverluchters [online]
  • “Add Ms 34 294”. In British Library Digitised Manuscripts [online]
  •  Thomas Kren en Scot McKendrick. Illuminating the Renaissance: The Triumph of Flemish Manuscript Painting in Europe (Los Angeles 2003), pp. 428-31.
  • Lorne Campbell en Susan Foister. “Gerard, Lucas and Suzanna Horenbout.” Burlington Magazine 128 (1986): 719-727. [jstor]

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Back to Top