Toonbeeld van caritas

Katharina van Kleef, hertogin van Gelre, liet zichzelf meermaals afbeelden in haar eigen getijdenboek. Twee van haar portretten besprak ik in een vorige post. Katharina van Kleef benadrukte in die complementaire voorstellingen aspecten die haar karakteriseren als nobel én nederig. Een derde miniatuur, bij de dinsdaggetijden, toont de hertogin weer. Geïnspireerd door de heilige geest deelt ze daar aalmoezen uit. De heilige geest verrijkt de hertogin hier met de gave van de godsvrucht, maar vaak heb ik me afgevraagd of de verluchter niet ook refereerde aan een van de goddelijke deugden. Mijns inziens toont de miniatuur Katharina tegelijkertijd als toonbeeld van caritas.

Voor ik aan mijn argumenten toekom, besteed ik hier eerst aandacht aan de context. De derde voorstelling is immers ingebed in een reeks miniaturen met de 7 gaven van de heilige geest.

Dagen van de week

De meest bijzondere cycli in het getijdenboek van Katharina van Kleef zijn de getijden en missen voor de dagen van de week. Deze gebedsreeksen zijn op zichzelf al bijzonder. Ze komen namelijk niet vaak voor. Bovendien zijn ze meestal niet geïllustreerd. Katharina van Kleef koos er niet alleen voor om deze getijden te verluchten, maar ook om dat te doen met een uitvoerige reeks miniaturen.

In de middeleeuwen bracht men de dagen van de week in verband met verschillende thema’s. Dat zien we ook in Katharina’s getijdenboek. Dat bevat immers een uitgebreide gebedscyclus voor elke weekdag. Elk van die cycli is gewijd aan een specifiek thema.

The Morgan Library & Museum maakte een schema van de weekdagen en de bijbehorende onderwerpen:

Sundaythe Trinity
Mondaythe Dead
Tuesdaythe Holy Spirit
WednesdayAll Saints
Thursdaythe Blessed Sacrament
Fridaythe Compassion of God
Saturdaythe Virgin
Weekdagen en thema’s in het getijdenboek van Katharina van Kleef. Bron: The Morgan Library & Museum

Dinsdag

Zoals in het schema van The Morgan Library & Museum te zien is, zijn de getijden van dinsdag gewijd aan de heilige geest. Aan deze cyclus gaat dan ook een miniatuur vooraf waarin de heilige geest centraal staat. Daarin zien we Pinksteren ofwel de neerdaling van de heilige geest.

Meester van het Getijdenboek van Katharina van Kleef, Pinksteren, miniatuur in het getijdenboek van Katharina van Kleef, Utrecht, ca. 1443. Morgan Library & Museum, New York, Ms 917/845, pp. 52-53. Bron: The Morgan Library & Museum

Wat is er precies te zien? Maria zit in het midden met de apostelen in een kring om zich heen. Vlak boven haar hoofd zweeft een duif: de heilige geest. Deze begiftigde Maria en de apostelen waarna zij in nieuwe talen gingen spreken (Handelingen 2: 1-4). Vervolgens zouden de apostelen zich over de wereld hebben verspreid om het christelijk geloof te verkondigen. Dat is dan ook wat gevierd wordt tijdens het christelijke Pinksterfeest.

Gebedsuren

De gebedscyclus voor dinsdag is, zoals de cycli van de andere weekdagen, opgedeeld in de acht gebedsuren van de dag. Daarbij is elk uur, van metten tot completen, ook nog eens voorzien van een betekenisvolle miniatuur. Elk is immers gewijd aan een van de 7 gaven van de heilige geest, zoals die genoemd worden in het bijbelboek Jesaja (11: 2-3). Omdat er maar 7 gaven zijn (en 8 gebedsuren), worden het uur van de lauden overgeslagen.

De 7 gaven die de heilige geest de mens kon schenken, zijn achtereenvolgens wijsheid, inzicht, raad, kracht, kennis, godsvrucht en godsvrees. Deze zijn onderwerp van de miniaturenreeks in Katharina’s getijdenboek. Ze tonen steeds de heilige geest die iemand inspireert tot een voorbeeldige daad. Die werken zijn illustratief voor de bijbehorende gave. De begiftigde figuur is steeds te herkennen aan de duif boven haar of zijn hoofd, bijvoorbeeld in de kleine miniatuur tegenover Pinksteren. Daar zien we koning Salomon op de troon met een witte duif boven zijn kroon.

Ook de miniaturen bij de 7 gebedsuren (zonder de lauden dus) kunnen we in een schema vatten, met de bijbehorende gaven en miniatuur:

Uur van de dagGaveMiniatuur in het getijdenboek
van Katharina van Kleef
MettenwijsheidOordeel van Salomon
PrieminzichtKoning in gebed, mogelijk David
TertsraadKoning met raadgevers
SextkrachtJacob en de engel
NonekennisLeerling en leraar
VespersgodsvruchtKatharina van Kleef
CompletengodsvreesArnold van Gelre
Onderverdeling van de dinsdaggetijden voor de heilige geest in het getijdenboek van Katharina van Kleef.

Katharina en Arnold

De laatste twee voorstellingen tonen Katharina van Kleef die aalmoezen uitdeelt en de laatste haar echtgenoot Arnold van Gelre. Deze knielt in gebed voor Christus tijdens het Laatste Oordeel. De heilige geest geeft haar pietas en hem timor. Dat wil zeggen dat de heilige geest hen respectievelijk de godsvrucht en de godsvrees schonk.

De verluchter wist op ingenieuze wijze de portretten van het hertogelijk echtpaar in de miniatuurreeks te verwerken. Bovendien lijken de miniaturen een lijn te leggen die het (Bijbelse) verleden (met voorstellingen van Salomon, David en Jacob) met het Laatste Oordeel verbindt. De eerste miniatuur toont immers Salomons oordeel, de laatste kijkt vooruit naar de laatste dag. Zo combineren de voorstellingen Oude Testament met het Nieuwe Testament en verleden met de toekomst.

Arnold van Gelre in gebed tijdens het Laatste Oordeel
Meester van het Getijdenboek van Katharina van Kleef, Arnold van Gelre tijdens het Laatste Oordeel, miniatuur in het getijdenboek van Katharina van Kleef, Utrecht, ca. 1443. The Morgan Library & Museum, New York, Ms M917/945, pp. 68-69. Bron: The Morgan Library & Museum

Aalmoezen

Het uitdelen van aalmoezen, zoals Katharina doet in de miniatuur, behoorde tot de dagelijkse beslommeringen van de adel. In overgebleven rekeningen komen we uitgaven aan aalmoezen dan ook geregeld tegen. Zo melden de rekeningen van de hertog van Bourgondië in 1424 een uitgave van 24 sols:

Aan een arme kluizenaar, die mijnheer [Filips de Goede, hertog van Bourgondië] al rijdend had aangetroffen in de velden

A ung poure hermite, que en chevauchant MS trouva sur les champs en necessités, qu’il lui donna pour Dieu et en aumosne

– De Laborde, Archives de Lille, vol. 1.1, p. 227, nr. 751.

In 1438 doet de hertog van Bourgondië een uitgave van 14 sols aan een ‘ung povre homme’ die hij passeerde toen hij onderweg was naar Brussel. Een zelfde hoeveelheid van 14 sols doneerde hij als een aalmoes aan gevangenen en behoeftigen in Lille.

Katharina van Kleef als caritas
Meester van het Getijdenboek van Katharina van Kleef, Katharina van Kleef deelt aalmoezen uit, miniatuur in het getijdenboek van Katharina van Kleef, Utrecht, ca. 1443. The Morgan Library & Museum, New York, Ms M917/945, pp. 64-65. Bron: The Morgan Library & Museum

Gebed op de laatste dag is een voor de hand liggende voorstelling van de godsvrees, want wie zou er niet vrezen in confrontatie met een oordelende god? Het uitdelen van aalmoezen daarentegen is een minder logische keuze voor de godsvrucht. Waarom schilderde de verluchter daar dan geen biddende figuur? Waarom schilderde deze niet opnieuw Katharina van Kleef in gebed, zoals haar echtgenoot? Om dit te begrijpen, moeten we ons iets meer verdiepen in de middeleeuwse gedachtegang over de gaven van de heilige geest.

Naastenliefde

De christelijk-theologische traditie koppelde de 7 gaven aan andere aantallen van 7, vooral de hoofddeugden. Deze waren rechtvaardigheid, matigheid, voorzichtigheid, kracht, geloof, hoop en liefde. De 7 gaven vervolledigden en vervolmaakten de deugden in de mens, zo was de gedachte.

De verluchter lijkt hier de gave van de pietas of godsvrucht in verband te brengen met de deugd caritas of liefde. God is immers liefde, zo schreef Johannes:

… de liefde komt uit god voort. Ieder die liefheeft, is uit god geboren en kent god. Wie niet liefheeft kent god niet, want god is liefde.

I Johannes 4: 7

Anders geformuleerd, alle liefde komt van God. De mens, zo was het idee, kan slechts liefde voelen wanneer God hem of haar daartoe in staat stelde. Dit had betrekking op alle vormen van liefde, zoals kerkvader Augustinus al voorschreef. Caritas behelsde volgens hem zowel de liefde voor God (amor dei) als de naastenliefde (amor proximi). Dit betekende dus dat ook de naastenliefde van God afkomstig is. Naastenliefde is een uiting van caritas die slechts mogelijk is, als de mens vervuld is van de goddelijke liefde.

In het getijdenboek van Katharina van Kleef lijkt de verluchter te suggereren dat de gave van pietas in de vorstin in het bijzonder de deugd van caritas, ofwel de liefde aanwakkerde.

Katharina als caritas

Vanwege de dracht van Katharina van Kleef is dit portret in rechtstreeks verband te brengen met een ander stichtersportret in het getijdenboek, namelijk dat bij de Mariagetijden. Dit portret besprak ik al in een vorige post. Hierin draagt de hertogin dezelfde rode mantel, gevoerd met hermelijn. Haar haar is ook hier boven de oren vastgezet in de vorm van horentjes met daarop een identieke sluier. Hierin is Katharina van Kleef echter afgebeeld in gebed voor Maria.

Meester van het Getijdenboek van Katharina van Kleef, Katharina van Kleef in gebed, miniatuur in het getijdenboek van Katharina van Kleef, Utrecht, ca. 1443. The Morgan Library & Museum, New York, Ms M917/945, f. 1v. Bron: The Morgan Library & Museum

De twee portretten borduren op elkaar voort, zoals ook de twee portretten die ik in het blogartikel ‘Nobel en nederig’ beschreef. Kortom, ze horen bij elkaar. Samen tonen deze stichtersportretten de tweeledigheid van caritas. Deze deugd behelsde immers de liefde voor God enerzijds en de liefde voor de medemens anderzijds. En elk portret visualiseert een van deze aspecten: Het portret van de biddende Katharina van Kleef brengt haar liefde voor God (en zijn moeder) in beeld, het portret bij de dinsdaggetijden haar liefde voor de medemens.

Daarnaast brengt de verluchter Katharina’s privé en haar publieke voorkomen in beeld. Dat wil zeggen, de ene miniatuur toont haar in gebed tot Maria en Christus, de andere in gesprek met bedelaars. Als zij wilde bidden, trok Katharina van Kleef zich waarschijnlijk terug in een privékapel in haar woonstede. Om aalmoezen uit te delen, moest ze echter naar buiten. In die voorstelling staat ze dan ook voor de deur van haar residentie. Zo combineren de miniaturen binnen en buiten. Anders gezegd, ze visualiseren Katharina’s innerlijke, contemplatieve leven en haar openbare, actieve leven.

Visueel samenspel

De twee stichtersportretten brengen zo in een visueel samenspel caritas in beeld. De hertogin laat ermee zien dat zij beide vormen van caritas, die onlosmakelijk verbonden zijn, in zich verenigde. Katharina is daarmee een toonbeeld van caritas. Ze is niet zo maar een hertogin, maar een voorbeeld van de liefdevolle vorstin.

In mijn vorige artikel over het getijdenboek van Katharina van Kleef besprak ik de miniatuur met Katharina in gebed in relatie tot een derde stichtersportret. Ook deze toont Katharina in gebed. Samen toonden die portretten hoe Katharina haar adellijke status met nederigheid combineerde. Ook het portret waarin Katharina aalmoezen uitdeelt, refereert aan het portret waarin Katharina tot Maria en Christus bidt. Deze combinatie van miniaturen benadrukt juist hoe de hertogin liefde voor God en liefde voor de medemens in zich verenigde.

De drie stichtersportretten staan dus in nauw onderling verband. Tezamen tonen ze hoe de verluchter, waarschijnlijk in samenspraak met de opdrachtgeefster, een ideaalbeeld neerzette waarmee de hertogin zich graag afficheerde. Met ander woorden, ze profileerde zichzelf ermee als nobel en nederig én als toonbeeld van caritas. De portretten benadrukten zowel haar hoge rang in de aardse hiërarchie als haar ongeschikte plaats in de keten naar god, zowel haar liefde voor God als haar naastenliefde.


Literatuur

  • Rob Dückers en Ruud Priem, reds. The Hours of Catharine of Cleves: Devotion, Demons and Daily Life in the Fifteenth Century (exh. Museum het Valkhof, Nijmegen en The Morgan Library & Museum, New York, 2009).
  • Henri Defoer, Anne Korteweg en Wilhelmina Wüstefeld, The Golden Age of Dutch Manuscript Painting (exh. Rijksmuseum Het Catharijneconvent, Utrecht en The Pierpont Morgan Library, New York, 1989).
  • Comte De Laborde, Les ducs de Bourgogne, études des lettres, vol. 1, dl. 1 (33) [online]

De manieren waarop stichters zich lieten afbeelden in hun religieuze boeken, staat ook centraal in het blogartikel ‘Gebed in beeld‘. Daarnaast schreef ik over caritas, bijvoorbeeld in ‘Liefde als leidraad in crisistijd‘.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Back to Top