Onverdeelde aandacht

Lopend door de tentoonstelling over Jan Mankes (1889-1920) valt vanalles op: hoe de schilder aandacht heeft voor het alledaagse, hoe hij dieren schildert alsof hij vrienden portretteert, hoe hij ruimte laat aan de leegte. Bovendien geeft Mankes mensen, dieren en voorwerpen alle toewijding door ze steeds opnieuw op doek te zetten. Zo leert de schilder zijn onderwerpen door en door kennen. Door ze keer op keer te schilderen, weet hij als geen ander iets ongrijpbaars als onverdeelde aandacht in zijn werk te vangen.

Anne Zernike

Jan Mankes woonde en werkte van 1909 tot 1915 in Friesland. Daar ontmoet de schilder zijn vrouw Anne Zernike en daar trouwen ze, maar hun laatste jaren samen, totdat Mankes overlijdt in 1920, brengen zij door in het Gelderse Eerbeek. Daarom is de solotentoonstelling over Mankes nu verdeeld over twee musea: Museum Arnhem (Gelderland) en Museum Belvédère in Oranjewoud (Friesland).

Voordat het koppel elkaar ontmoet, heeft Zernike een studie theologie gedaan aan de Gemeentelijke Universiteit Amsterdam. Ze wordt vervolgens de eerste vrouw op de kansel als zij een functie als predikante aanneemt bij een geloofsgemeenschap in Bovenknijpe, nu De Knipe. Daar leert ze Mankes kennen. Ongetwijfeld heeft zij met haar geleerde achtergrond en vrijzinnige geloofsovertuiging, waarin ook de kunsten een belangrijke rol spelen, een grote invloed op de schilder. Samen verdiepen ze zich in nieuwe ideologische levensovertuigingen, zoals vegetarisme, antimilitarisme, theosofie en taoïsme. Ook de schilderkunst zal geregeld onderwerp zijn geweest van gesprek tussen de echtelieden.

Alledaags

Zijn schilderende aandacht schenkt Mankes vervolgens ook aan zijn vrouw. Hij portretteert haar namelijk geregeld, soms in close-up, maar ook van een kleine afstand in de vertrouwde omgeving van hun woning, zoals op een ingetogen portret, lezend bij de haard. Zernike valt op omdat haar witte overhemd het licht van de olielamp boven haar hoofd weerkaatst. Daardoor geeft ze bijna zelf licht. De vrouw links en de lamp rechtsboven vormen daardoor twee felle lichtpunten in de verder vrij donkere ruimte. Omdat ze bovendien in tegenovergestelde hoeken van het beeld geplaatst zijn, houden ze de compositie perfect in balans.

Op het schilderij is Zernike omgeven door enkele alledaagse voorwerpen die Mankes stuk voor stuk vaker op doek zet. Het kamerscherm achter de vrouw is hetzelfde waarop een kraai torent in een ander schilderij, of een uil in weer een ander. Ook het piepkleine oorkannetje op de schouw vervult een hoofdrol op andere doeken. Soms schildert Mankes het recht van voren, soms iets van boven. In het volgende schilderij is het kannetje net iets gedraaid ten opzichte van het vorige. De ene keer is het gevuld met dopheide, de andere keer met judaspenning, maar altijd gaat het om hetzelfde voorwerp dat direct te herkennen is aan de kleine oneffenheid in het glazuur.

Op zijn schilderijen van dieren of in zijn landschappen keert juist de dopheide weer terug of de judaspenning. Zo gebruikt Mankes dezelfde bouwstenen in steeds nieuwe samenstellingen. Zijn composities bestaan echter nooit uit een veelheid aan elementen. Het zijn er altijd enkele onderdelen. Sommige stillevens draaien bijvoorbeeld slechts om dat ene simpele kannetje. Dat krijgt vervolgens Mankes onverdeelde aandacht en daarbij schuwt de schilder ook de leegte niet.

Leegte

Behalve intieme stillevens schildert Mankes uitgestrekte landschappen en ook hierin toont hij zich een groot liefhebber van de leegte. Een afkeer voor lege vlakken wordt ook wel horror vacui genoemd: een angst die wordt gecompenseerd door een onbedwingbare behoefte om grote ruimtes tot in de kleinste hoekjes op te vullen. Mankes heeft die huiver niet. Integendeel, ook in zijn landschappen kiest hij ervoor om grote vlakken juist leeg te laten, bijvoorbeeld in het Duingezicht met stoomtram uit 1916.

Leven speelt zich hier slechts af in het verschiet. Enkele huizen staan in de verte. Ze zijn slechts reliëf in de horizon. Ook de stoomtram beweegt zich langs de luchtlijn. Een schoorsteen, een rookpluim, silhouetten van huisjes en een kerktoren doorbreken de einder. De ruimte daarboven en daaronder is vooral leeg. Het weidse veld op de voorgrond lijkt bedekt met dichte nevel die het niets nog verstrekt.

Kleurverschillen

Een ander voorbeeld is het schilderij Strand te Scheveningen (ochtend) waar Mankes zijn amor vacui vertaalt in een liefde voor een oneindige lucht. In dit schilderij legt de schilder de horizon juist extreem laag. De zee, het strand en de duinen daaronder trekken lijnen in het landschap die bijeenkomen in een enkel één punt aan de horizon. Daar ligt het dorp Scheveningen dat slechts met een toren aan de einder wordt aangegeven. Het grootste gedeelte van het beeld is echter gevuld met niets dan lucht.

Zowel in Duingezicht met stoomtram als in Strand te Scheveningen (ochtend) speelt de leegte de hoofdrol. Toch zijn de schilderijen niet saai. Juist in de grote lege ruimtes valt veel te beleven. Wanneer je goed kijkt, zijn ze namelijk niet leeg. Ze vibreren door subtiele kleurverschillen.

Zanglijster

Parallel aan zijn liefde voor de leegte ontwikkelt Mankes een aandacht voor de stilte. Een van de eerste schilderijen op de tentoonstelling in Museum Arnhem is van een zanglijster, geschilderd in tinten beige en bruin. Het twijgje dat waarop het vogeltje is neergestreken, biedt stug weerstand tegen het gewicht van het mollige diertje dat Mankes met aandachtig neerzet. Vooral uit de manier waarop hij de klauwtjes schildert – tenger en stevig tegelijk, met scherpe nageltjes – blijkt de nauwgezette studie die eraan vooraf is gegaan. Het is treffend.

Het lijkt bovendien alsof gefilterd licht, dat doet denken aan een landschap na een zware sneeuwbui, alles zachter maakt. Het dunne twijgje is kaal, zonder knoppen. In de achtergrond zijn bovendien vage silhouetten zichtbaar van bladerloze bomen. Ook al is er geen sneeuw te zien, het tonale schilderij wekt toch de indruk van een winters landschap, koud en kaal, maar ook zacht en stil.

Woordloze dialoog

Het is bovenal de manier waarop het dier je recht aankijkt, waardoor het kleine schilderij de aandacht trekt. Het karakteriseert bovendien Mankes’ dierstudies. Hij maakt namelijk zelden studie van dieren die zich ongezien wanen en die verwikkeld zijn in hun karakteristieke bezigheden. Ook deze lijster is immers geen eten aan het verzamelen of een nest aan het bouwen. Nee, Mankes schildert de vogel terwijl deze de schilder polst. De schilder bestudeert het diertje, het diertje de schilder.

Hetzelfde geldt voor de andere levende dieren in Mankes’ schilderijen: de haan, de putters, de kraai, de torenvalk, de geiten. Ze kijken je onverschrokken aan. Je vraagt je onwillekeurig af wat ze denken, zoals zij zich lijken af te vragen wat jij denkt. Het is als een gesprek dat zich in stilte afspeelt.

In een schilderij van een meisje met een lijster brengt Mankes de woordloze dialoog expliciet in beeld. Een lijster is neergestreken op de hand van een meisje. Misschien zit de vogel er pas net, misschien al minutenlang. Het meisje in wit kijkt naar het dier met zijn donkere verenpak dat onbevreesd terugkijkt. Geen van beiden spreekt. Ze doen niets en geen van beiden gaat ergens heen. Met andere woorden, ze gaan volledig op in elkaars onverdeelde aandacht.

Aandacht

Meisje met een lijster vat de essentie van Mankes werk kernachtig samen. Het schilderij laat namelijk zien dat de afwezigheid van geluid geen gebrek aan dialoog betekent. Integendeel, stilheid is de manier om volledig in iets of iemand anders op te gaan. Anders gezegd, de stilte en de leegte bieden de mogelijkheid om iets of iemand in opperste concentratie waar te nemen en die onverdeelde aandacht is misschien wel de meest intieme vorm van gesprek.


De dubbeltentoonstelling in Arnhem en Oranjewoud is nog te zien tot en met 22 juni.

Meer lezen?

  • Cat. Museum Arnhem en Museum Belvédère, Jan Mankes: mooie dingen zijn zoo eenvoudig, met bijdragen van Froukje Pitstra, Jan de Lange, Marlene Deutinger en Stefan Kuiper (Zwolle: Waanders Uitgevers, 2025).
  • Froukje Pitstra, ‘Zernike, Anne’, in: Digitaal Vrouwenlexicon van Nederland, laatst gewijzigd 8 september 2017. [online]
  • Froukje Pitstra, Ontelbare enkelvouden: dr. A. Mankes-Zernike (1887-1972): een biografie (Zoetermeer: Meinema, 2014).

Andere tentoonstellingen waar ik recent over schreef, zijn bijvoorbeeld Zien & Geloven in Rijksmuseum Twenthe en Susanna in Museum Gouda.

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Back to Top