Met talent bespied

Met haar keuze om honden en katten te schilderen, maakt Anna Maria Kruijff (1870-1969) het niet gemakkelijk voor zichzelf, want het komt haar als jonge schilderes geregeld op vergelijking te staan met de gevestigde en gewaardeerde poezenschilderes Henriette Ronner-Knip. Toch weet Kruijff een publiek van liefhebbers en afnemers om zich heen te verzamelen. Een van haar critici schrijft bijvoorbeeld dat zij haar honden en katten met talent bespied heeft. Behalve voorstellingen van dieren, verwikkeld in hun alledaagse doen en laten, zoals Ronner ze vaak afbeeldt, werpt Kruijff zich bovendien op als portrettist van huisdieren en dat blijkt een belangrijke sleutel tot haar succes.

Talentvol dierenschilderes

Vanwege Kruijffs voorkeur voor katten en honden ligt een vergelijking met Henriette Ronner voor de hand en veel recensenten leggen dat verband dan ook. Een aquarel van katjes laat een anonieme criticus met het pseudoniem Spectator in Het nieuws van den dag (28 september 1903) bijvoorbeeld opmerken:

… eene eervolle Vermelding van de aardige katjes, die Mevr. Stork-Kruijff met talent bespied en ten tooneele gebracht heeft. Zal deze debutante Mevrouw Ronner vervangen? Wie weet, hoever studie en aanmoediging haar nog brengen.

Ook kunstcriticus Andreas Loffelt is vol lof over de dierschilderijen van Kruijff: “Hebben we in Mevrouw Stork-Kruyff een talentvol dierenschilderes in haar opkomst te begroeten? Ik geloof en hoop het inderdaad, want zij heeft een aardigen blik op het wezen en de karakteristieke schoonheid van katjes en hondjes”, schrijft hij in Het nieuws van den dag (12 mei 1904).

Anna Maria Kruijff, Twee kittens, gesigneerd ‘Stork-Kruijff’ (rechtsonder), vóór 1913, gouache op papier, wit gehoogd, 215 x 310 mm. Collectie onbekend. Bron: Kunstveiling

Al maar door katjes

Met Ronner prominent in beeld is echter niet iedereen meteen gecharmeerd van Kruijffs poezenschilderijen. In 1906 schrijft J.H. de Bois onder diens pseudoniem De Walportsheim in De telegraaf (2 mei 1906) naar aanleiding van een schilderij met katten: “Katjes, al maar door katjes. De firma Ronner moet voortgezet, en we leven in den tijd van specialiteiten. Of een talent, indien aanwezig, er beter op wordt?” Over een kattenschilderij van Kruijff is De Bois vervolgens niet erg positief

De schilderij lijkt ons, als geheel, nogal zwak, zoowel van schildering (vooral in de fond) als van teekening (in de beestjes).

Enigszins verwonderd voegt hij daaraan bovendien toe dat een collega-criticus over hetzelfde schilderij meent te moeten schrijven: “Er is veel liefs in mevrouw Storck’s [sic] schilderijtje”. Met mevrouw Storck doelt de recensent op Kruijff die inmiddels getrouwd is met Eduard Willem Stork. Met zijn negatieve oordeel negeert De Bois vele anderen die ook in positieve bewoordingen over het schilderij van Kruijff schrijven. Een ander oordeelt namelijk over precies hetzelfde werk in De tijd (14 april 1906) dat het “welgeslaagd van beweging” is, terwijl de kunstcriticus van De nieuwe courant (10 april 1906) het schilderij noemt onder de inzendingen die de aandacht vragen.

Anna Maria Kruijff, Moederpoes met twee kittens, gesigneerd en gedateerd ‘A Mar Stork Kruijff 1908’ (rechtsonder), olieverf op doek, 35,2 x 45,4 cm. Collectie onbekend. Bron: Simonis & Buunk

In 1907 schrijft een criticus met de initiaal W. in het geïllustreerde tijdschrift Het leven echter op diens beurt:

Mevrouw Stork-Kruyff, die meer en meer onze kattenschilderes bij uitnemendheid wordt, geeft de ranke, slanke beestjes wel natuurgetrouw weer; maar de katjes van mevr. Stork hebben niet de lenigheid, den chic, de flair die de katjes van mevr. Henriëtte Ronner hebben; maar op zichzelf is het toch verdienstelijk werk.[1]

In 1909 schrijft echter een andere criticus in Winschoter courant (17 januari 1909) naar aanleiding van Kruijjfs aquarel van spelende katjes dat “deze dame een volle zuster in de kunst is van mevr. Ronner.” Over de kwaliteit van Kruijffs werk zijn er dus even zo veel meningen als er recensenten zijn.

Tweede mevrouw Ronner

De vergelijking met Ronner houdt lang aan. Recensent Carel Lodewijk Dake van het dagblad De telegraaf (2 november 1908) suggereert namelijk een zorgvuldige studie van Ronners werk wanneer deze schrijft dat Kruijff er steeds naar streeft “een tweede mevr. Ronner te worden”. Ook een journalist van De Maasbode (14 mei 1910) schrijft:

Mevrouw A. M. Stork-Kruyff schijnt bij mevr. Henriette Ronner in de leer te zijn gegaan. Haar ‘Hondengezin’ doet denken aan een dergelijk werk van deze kunstenares. Ook een harer andere inzendingen ‘Het vlindertje’ wijst op Mevr. Ronner terug.

Op 3 november 1913 schrijft Dake, nog steeds voor De telegraaf, bovendien dat het poesje op een schilderij van Kruijff “aan de habiliteit [c.q. de manier] van Henriette Ronner” doet denken.

De vergelijking met Ronner blijft de dierschilderes dus lang achtervolgen. In 1929 onderkent ook een journalist met de initialen R.W.P., waarschijnlijk schilder, graficus en tekenleraar Reinier Willem Petrus de Vries Jr, nog dat “de vergelijking met Mevr Ronner voor de hand lag”.[2]

Anna Maria Kruijff, Studieblad met Dobermann Pinchers, potlood, penseel in waterverf op papier, 206 x 310 mm. Amsterdam, Rijksmuseum, RP-T-1956-337. Bron: Rijksstudio

Ondanks de overeenkomsten weet Kruijff toch een niche voor zichzelf te vinden waarin zij zich van Ronner onderscheidt. Zij voert de dieren namelijk niet alleen in hun dagelijkse beslommeringen ten tonele, maar portretteert ook huisdieren in opdracht. Het zijn vervolgens vooral deze portretten die bijzondere waardering genieten bij kopers en critici. “De huisdieren van mr. W. Stork-Kruijff hebben een liefdevolle portretteerster gevonden,” schrijft dan een journalist in De nieuwe courant (26 april 1905). Zo wordt Kruijff “de Ronner-Knip met haar eigenen stijl”, meent vervolgens De Vries Jr.

Prijzen

Portret van Bruno Hugo Paine Stricker omringd door spaniels bij een stuk van Kynophilos over een internationale hondententoonstelling van de Nederl Terrier-Club en Ned. Duitsche Doggen-Club in De revue der sporten 2, nr. 6 (augustus 1908), p. 163. Bron: Delpher

Daarbij maakt Kruijff gebruik van haar brede kennissenkring. Onder haar vrienden en bekenden zijn immers verschillende hondenliefhebbers wat Kruijff helpt bij het vinden van een afzetmarkt voor haar schilderijen. Onder haar vrienden is bijvoorbeeld de spanielliefhebber Bruno Hugo Paine Stricker. Wanneer Paine Stricker in 1907 trouwt met Gerarda Maria Brugman, is de 46-jarige Nicolas Frederik Stork namelijk een van de getuigen en Nicolas Frederik is niemand minder dan een broer van Kruijffs echtgenoot Eduard Willem Stork.[3] Kruijff schildert vervolgens de griffon Leda van deze Paine Stricker.

In 1907 wint Kruijff een gouden medaille voor haar hondenschilderijen die dan te zien zijn op een hondententoonstelling van de hondensportverenigingen Nimrod en Cynophilia te Amsterdam. Daarover schrijft namelijk een verslaggever van het sporttijdschrift De revue der sporten in 1908.[4] De erkenning zorgt vervolgens voor een stroom aan opdrachten van mensen die Kruijff vragen om ook hun huisdieren te portretteren.

Anna Maria Kruijff, Griffon ‘Leda’, afgebeeld in De revue der sporten 2, nr. 4 (juli 1908), p. 98. Bron: Delpher

Eigen honden

Haar hondenliefhebbende vrienden ontmoet ze onder andere via hondententoonstellingen waaraan zij zelf geregeld met haar eigen honden deelneemt. In 1906 wint ze bijvoorbeeld een derde prijs op een hondenwedstrijd met een Duitse dwergpinscher met de naam Benjamin’s Tenella.[5] Op die tentoonstelling is overigens ook Bruno Hugo Paine Stricker aanwezig, met zijn spaniels.

Het blijft niet bij een eenmalige deelname, want in 1907 doet Kruijff opnieuw mee met Benjamin’s Tenella en dan sleept ze met deze Duitse dwergpinscher de eerste prijs in de wacht.[6] Ook wint ze een eerste prijs in de jeugdklasse met haar Dobermann pinscher Gretchen. In 1908 doet ze ten slotte mee aan een wedstrijd met een bulldog genaamd Belly waarmee ze opnieuw een eerste prijs in de wacht sleept.[7]

Spaniels aan het werk

Kruijffs bekenden in de wereld van de hondensport zijn ongetwijfeld belangrijke bevorderaars van haar werk. Zij geven haar immers opdrachten en die genereren weer nieuwe publiciteit. Zo wordt bijvoorbeeld het schilderij Spaniels aan het werk, gemaakt voor Paine Stricker, afgebeeld in de catalogus van een wedstrijd waaraan hij met zijn honden deelneemt.[8] De spaniels zelf zijn er tevens afgebeeld met een foto.

Anna Maria Kruijff, Spaniels aan het werk, afgebeeld in De revue der sporten 2, nr. 4 (1908), p. 100. Bron: Delpher

Het schilderij met de spaniels van Paine Stricker is een succesnummer, want in december 1908 wordt het nogmaals afgedrukt op een wandkalender voor een publiek van hondenliefhebbers. Het schilderij figureert daar tussen foto’s van prijswinnende honden, zoals de spaniels van Paine Stricker en de setters van zijn echtgenote Gerarda Maria Paine Stricker-Brugman.[9]

Anna Maria Kruijff, Collie ‘Remo’, afgebeeld in De revue der sporten 2, nr. 4 (1908), p. 98. Bron: Delpher

Bovendien laat ene Th.H. van den Hurk, die een verslag schrijft van een hondententoonstelling in mei 1908, Kruijff ook een portret schilderen van zijn collie Remo, afgebeeld in het vierde nummer van De revue der sporten in 1908.[10] Ook hij neemt deel aan hondenwedstrijden, onder andere met Dobermann pinschers, waarvan ook Kruijff een liefhebber is.

Mogelijk is Van den Hurk tevens de persoon achter het pseudoniem Kynophilos die in juli 1908 een lovende stuk schrijft over de hondenschilderes in De revue der sporten en daar opmerkt hoe Kruijff voor het schilderij studies maakt op het jachtterrein van Paine Stricker te Bunschoten.[11] Wie er achter het pseudoniem zit, staat niet vast, maar er zijn wel aanwijzingen die in de richting van Van den Hurk wijzen. Hij maakt namelijk deel uit van de redactie van De revue der sporten als Kynophilos daarvoor hun stukken schrijft.

Sportclubs

Anna Maria Kruijff, Diploma voor de hondententoonstelling te Laren, gehouden op 9 augustus 1908, afgebeeld in Nederlandsche sport 27, nr. 1524 (1908), p. 7. Bron: Delpher.

Voltooide opdrachten die vervolgens publiciteit krijgen, leiden vervolgens weer tot nieuwe opdrachten. Bovendien brengt de hondensport Kruijff niet alleen privé-opdrachten. Voor de hondententoonstelling in Laren op 9 augustus 1908 krijgt ze namelijk de vraag om het diploma voor de winnaars te ontwerpen.[12] Daarin kan Kruijff haar kwaliteiten als tekenaar van uiteenlopende hondenrassen kwijt.

Ook in 1913 krijgt haar werk aandacht vanuit de hondensportclubs. In 1913 houden de verenigingen Cynophilia en Nimrod samen een hondententoonstelling waarbij tevens aandacht is voor beeldende kunst. Daarvoor wordt het Paleis voor Volksvlijt ingericht met kunst uit heden en verleden, waarin honden de hoofdrol spelen. Zo is er uiteraard werk te zien van Henriette Ronner, maar ook van Bernard te Gempt, Marie van Waning-Stevels en de Oostenrijkse schilderes Berta Müller, alles uit particulier bezit. Ook het werk van Kruijff krijgt een plaats, mogelijk door toedoen van Bruno Hugo Paine Stricker die tevens een van de organisatoren is.[13]

Haar kwaliteit als schilderes aangevuld met haar brede kennissenkring in de wereld van de hondensport – waaraan zij deelneemt met haar eigen honden – zorgen er dus voor dat Kruijff een grote afzetmarkt voor haar werk vindt. Dat haar naam als schilderes vervolgens onlosmakelijk verbonden raakt met de hondensport blijkt ook wel uit een artikel van sportjournalist Leo Lauer voor De revue der sporten.[14] In dat artikel, gewijd aan sport en spel in de kunst, noemt Lauer Kruijff immers als voorbeeld van een kunstenares die sport tot onderwerp van haar werk maakt.

Succes

Rond 1912 bereikt de roem van de schilderes een hoogtepunt, wanneer kunstcriticus en collega-schilder Bernard Alexander Canter een artikel aan haar wijdt in het tijdschrift Uit de hoogte.[15] Daaruit blijkt onder andere dat de schilderes inmiddels een atelier aan de Singel heeft.[16] Canter eindigt dit stuk bovendien met de niet mis te verstane woorden:

Mevrouw Stork-Kruyff belooft een onzer beste schilderessen te worden. En wij zullen haar ontwikkeling met groote belangstelling volgen.

Canter voegt daad bij het woord wanneer hij vervolgens een expositie volledig aan haar werk wijdt in kunstzaal De Protector te Rotterdam waarover hij de leiding heeft. Canter is overigens ook goed bevriend met Rotterdamse schilderes Jacoba de Graaff aan wie ik eens de post ‘Moeder der Rotterdamse schilders’ schreef.

Advertentie voor de tentoonstelling ‘Anna Maria Kruijff: dierstudies, landschap, portret’ in De Amsterdammer (23 februari 1913), p. 8. Bron: Historisch Groene

Op deze tentoonstelling worden bovendien bladen uit Kruijffs schetsboeken verkocht, schrijft De Vries Jr in 1929.[17] Het blad met ara’s in het Rijksmuseum, dat op de keerzijde is voorzien van een stempelafdruk met de tekst ‘Mevr A.M. Stork-Kruyff | Protector voorjaar 1913’, is dus zeker te zien geweest op de tentoonstelling in De Protector. De Vries Jr laat bovendien weten dat ook kunsthandelaar Firma Buffa haar werk koopt waardoor dat ook geregeld zijn weg vindt naar Amerika.

Studieblad met papegaai en parkieten, gesigneerd met initialen ‘S K.’ (rechtsonder), keerzijde: stempel ‘Mevr A.M. Stork-Kruyff | Protector voorjaar 1913’ (rechtsboven), potlood en penseel in waterverf op papier. Amsterdam, Rijksmuseum, RP-T-1956-335. Bron: Rijksstudio

Om mensen naar de expositie te trekken stelt Canter bovendien iets bijzonders in het vooruitzicht: Mensen die lid zijn van een vereniging met een “mensch- of dierlievend streven” krijgen een blad uit het schetsboek van de kunstenares cadeau.[18] Mogelijk is dat de reden dat het blad met ara’s voorzien is van een stempel met de naam van de kunstenares. Waarschijnlijk zijn ook andere bladen in het Rijksmuseum, voorzien van de tekst ‘Schetsblad van Mevr. E.W. Stork-Kruijff’, hiervan voorbeelden.

Meer dieren

In het jaar 1913 onderneemt Kruijff nieuwe stappen door naar Laren te verhuizen. Haar huwelijk is immers geëindigd en daarna verlaat de kunstenares Amsterdam. Sindsdien exposeert ze vooral in Laren, met de leden van de vereniging van Beeldende Kunstenaars Laren-Blaricum. Over Kruijffs carrière na 1913 schrijf ik volgende week meer, in het tweede deel van deze korte serie over deze kunstschilderes. Bovendien besteed ik daar aandacht aan haar illustraties van kinderboeken waarin – hoe kan het ook anders – vaak dieren de hoofdrol spelen.


Selectie van werk

Behalve honden en katten schildert Kruijff ook andere dieren. Woonachtig in Amsterdam gebruikt ze ook het zoölogisch instituut Artis om zich te oefenen. Wanneer er dan ook een kunstalbum wordt aangeboden aan de jubilerende directeur van Artis, doet ook Kruijff daaraan mee. Ze doneert een prachtige aquarel met twee ara’s (Hekker 1988).

Hoewel Kruijff naam voor zichzelf maakt als schilder van dieren, zijn dat zeker niet de enige onderwerpen. Ze schildert stillevens, landschappen en figuurvoorstellingen. Volgens De Vries Jr (1929, p. 3) bezoekt Kruijff de modelklassen van Sint-Lucas om zich te oefenen in gekleed en naaktmodel. Op de tentoonstelling De Vrouw in 1913 toont Kruijff vervolgens enkele figuurstukken. “Mevr. A. M. Kruyff, meer als schilderes van katten bekend, vertoont thans figuurstukken” bemerkt dan een verslaggever van Het nieuws van den dag (14 mei 1913).

Bovendien behoren portretten van mensen tot Kruijffs brede repertoire. Een criticus met het pseudoniem Giovanni schrijft in Algemeen handelsblad (17 mei 1913) bijvoorbeeld over de aanwezigheid van “mevr. Kruyff met, een goedgeschilderden manskop, en een verdienstelijk geteekenden oude-vrouwenkop tegen een Amsterdamsch stadsgezicht” en op de tweede internationale tentoonstelling in Tilburg (1913) hangt “een fantastisch meisjesportret” volgens Dake, recensent van De telegraaf (25 juni 1913). Ten slotte voegen Plasschaert (1912, p. 136) en Waller (1938, p. 188) aan dit alles toe dat Kruijff etst. Daarvan is hieronder ook een aantal voorbeelden te zien. Het zijn waarschijnlijk (deels) academie-opdrachten (nrs. 66-68). Het zijn namelijk studies naar grote meesters, zoals Anton Mauve en Johannes Vermeer, en ze zijn onderdeel van de collectie van de academie. Twee ervan zijn bovendien gedateerd 1889, het jaar dat Kruijff wordt toegelaten.

Olieverfschilderijen

1907

1. The bulldogs The Ray Picker and Hercule de Dieghem, gesigneerd en gedateerd 1907, olie op doek, 38,5 x 56,5 cm. Herkomst: New York, Bonhams, veiling Dogs & Cats in Art, 15 februari 2000, lot 220; tentoonstelling Amsterdam, Paleis voor de Volksvlijt, 1907; dan eigendom van den heer Storck, Soest. Bron: Artory, Artnet en Kynophilos 1908

2. De vriendschap, mogelijk circa 1907, olie op doek, 48,5 x 62,5 cm.

Herkomst: veiling 28 oktober 1992.

Bron: Artnet

1908

3. Moederpoes met twee kittens, gesigneerd en gedateerd ‘A Mar Stork Kruijff 1908’ (rechtsonder), olieverf op doek, 35,2 x 45,4 cm.

Herkomst: Ede, Simonis & Buunk, nr. 23734; Hilversum, Van Zadelhoff Veilingen, veiling 13 december 2020, lot 58

Bron: Simonis & Buunk en Invaluable

1909

4. Portret van Elisabeth Drossaart (1840-1919), 1909 gedateerd, doek, olieverf, 49 x 39 cm.

Collectie: particulier

Bron: RKD

1912

5. Vrouw bordurend bij een venster, gesigneerd en gedateerd ‘Stork-Kruijff 1912’ (rechtsonder), olieverf op doek, circa 40 x 30 cm.

Herkomst: Den Haag, Venduehuis der Notarissen, veiling 8 maart 2017, lot 271.

Bron: Invaluable

Ongedateerd (vóór 1913)

6. Vrouwen bij een marktkraam (Amsterdamse marktscène), gesigneerd ‘Stork-Kruijff’ (rechtsonder), vóór 1913, olieverf op board, 55,5 x 41,5 cm.

Herkomst: veiling 28 april 1997 en Amsterdam, Sotheby’s, veiling 19th Century European and Indonesian Paintings, 7 november 1995, lot 526.

Bron: Artory, RKD and Artnet

7. Moeder met drie kittens, gesigneerd ‘M Stork …’ (rechtsonder), vóór 1913, olie op doek, 42 x 57 cm.

Herkomst: Strasbourg, Etude Alexandre Landre, 7 april 2024, lot 44.

Bron: Alexandre Landre

8. Konijnen, gesigneerd ‘Stork-Kruijff’ (rechtsonder), vóór 1913, paneel, 20 x 36 cm.

Herkomst: Arnhem, Derksen, veiling 12 april 2022, lot 323.

Bron: Invaluable

9. Slapende hond, vóór 1913, olie op doek, 20 x 27 cm.

Collectie: Laren, Singer Museum; tentoonstelling Rotterdam, De Protector, 1913 met de titel Moe gespeeld, afgebeeld in Wolf 1913, p. 356.

Bron: Paul de Lussanet

10. Kat voor een vaas met rozen, gesigneerd ‘Stork-Kruijff’ (linksonder), olie op doek (op paneel), 25,5 x 32 cm.

Herkomst: Koblenz, Engel Auktionshaus, veiling Kunst & Antiquitäten, 30 juni 2012, lot 832.

Bron: Artprice

1914

11. Boerenerf met geit, gesigneerd ‘Stork-Kruijff’ (rechtsonder) en gedateerd 1914, olieverf op doek, 27 x 35 cm.

Herkomst: Enschede, Twents Veilinghuis, veiling 3 juli 2025, lot 1192; Catawiki, veiling Klassisk er den nye stemningen, 11 – 19 april 2025, nr. 94711499.

Bron: Artprice en Catawiki

1930

12. Stilleven met zakdoek, gesigneerd en gedateerd ‘Kruijff 1930’ (rechtsonder), olie op doek, 47 x 34 cm.

Herkomst: Kunsthandel Galerie Trompenburgh; waarschijnlijk identiek aan Stilleven met zakdoekje, geveild in Amsterdam, Christie’s, veiling Pictures, Watercolours and Drawings, 19 juni 2001, lot 316.

Bron: Galerie Trompenburg en Artprice

Ongedateerd

13. Spelende katjes, gesigneerd (rechtsonder), no I (keerzijde), olieverf op doek, 79 x 69 cm.

Herkomst: Den Haag, Venduhuis der Notarissen, veiling 14 december 2016, lot 247.

Bron: Invaluable.

14. Vier poezen, gesigneerd ‘A Mar Kruijff’, waarschijnlijk na 1913, olieverf op paneel 14,7 x 36,3 cm. Herkomst: Ede, Simonis & Buunk, nr. 21635. Bron: Simonis & Buunk

15. Vier kleine honden, gesigneerd ‘A Mar Kruijff’, waarschijnlijk na 1913, olieverf op paneel 14,6 x 36,0 cm. Herkomst: Ede, Simonis & Buunk, nr. 21636. Bron: Simonis & Buunk

16. Kittens, gesigneerd op verso, olie op doek, 15,2 cm × 30,5 cm. Herkomst: Amsterdam, Christie’s, veiling Pictures, Watercolours & Drawings, 19 februari 1997, lot. 322A. Bron: Artory

17. Kitten, gesigneerd (rechtsonder), olie op doek, 26 x 21 cm.

Herkomst: Nieuwersluis, Galerie Wijdemeren, C84

Bron: Galerie Wijdemeren

Aquarels en gouaches

1903

18. Spelende kittens, gesigneerd en gedateerd 1903, waterverf op papier, wit gehoogd, 381 x 508 mm. Herkomst: Amsterdam, Christie’s, veiling Saturday Sale of Oil Paintings & Watercolours, 10 juni 1989, lot 182. Bron: Artory

1907

19. Polderlandschap met grazende koeien, gesigneerd en gedateerd 1904, aquarel op papier, 285 x 485 mm.

Herkomst: veiling 27 september 2020.

Bron: Mutual Art

1905

20. Moeder met kittens, gesigneerd en gedateerd ‘A Mar Stork-Kruijff 1905’ (rechtsonder), gouache on paper, 190 x 280 mm.

Herkomst: Enschede, Twents Veilinghuis, Oktoberveiling 7 oktober 2021, lot 1011.

Bron: Invaluable

21. De vlieg, gesigneerd ‘A. Mar Stork-Kruijff 1905’ (rechtsonder), waterverf op papier, 203 × 280 mm.

Herkomst: Amsterdam, Sotheby’s, veiling 19th Century European Paintings, 20 april 1993, lot 65.

Bron: Artory en Artnet; tevens afgebeeld in Canter 2012, p. 312.

22. Moederkat met kittens, gesigneerd en gedateerd ‘A. Mar Stork-Kruijff 1905’ (rechtsonder), waterverf op papier, 330 × 210 mm. Herkomst: Namen, Salle de ventes Rops, veilingen 8 juli 2018, lot 1559 en 27 mei 2018, lot 1533. Bron: Artprice

1908

23. Spelende kittens, gesigneerd en gedateerd ‘Stork-Kruijff 1908’ (rechtsonder; deels achter de lijst), waterverf op papier, 350 x 520 mm (incl. lijst).

Herkomst: Dordrecht, A. Mak, veiling Kunst- en Antiekveilingen, 16 december 2002, lot 344.

Bron: RKD en Artprice

1911

24. Leeuwenfamilie, gesigneerd ‘Stork-Kruijff en gedateerd 1911 (rechtsonder), waterverf op papier, 370 x 535 mm.

Collectie: particulier

Herkomst: tentoonstelling Amsterdam 1912.

Bron: RKD

Ongedateerd (vóór 1913)

25. Twee kittens, gesigneerd ‘Stork-Kruijff’ (rechtsonder), vóór 1913, gouache op papier, 215 x 310 mm.

Herkomst: Amsterdam, Veilingmeester, verkocht via Kunstveiling, 7 februari 2021; tentoonstelling Rotterdam, Kunstzaal De Protector, 1913: “teekening van het rode en het zwarte katje” (“Tête-à-tête”; nr. 6) volgens Wolf 1913.

Bron: Kunstveiling

Ongedateerd (vóór 1915)

26. Twee papegaaien, gesigneerd ‘A. Mar. Kruijff’ (rechtsonder), waterverf op papier, vóór 1915, 540 x 368 mm.

Collectie en herkomst: Amsterdam, Stadsarchief Amsterdam, 10131 Collectie Kerbert, inv.nr. 10009444 (blad 31); blad uit het album dat in 1915 aan Dr. C. Kerbert werd aangeboden.

Bron: Stadsarchief Amsterdam en Hekker 1988, n. 3.

Ongedateerd

27. De acoliet, waterverf op papier, 315 x 465 mm. Herkomst: veiling 9 november 1994. Bron: Artnet

28. Kattenstudie, waterverf op papier, 156 x 214 mm. Collectie: Amersfoort, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, E989. Bron: Collectie Nederland

Tekeningen (potlood, houtskool, krijt, inkt)

1898

29. Portret van een vrouw, gesigneerd met initialen ‘S K.’ (rechtsonder) en gedateerd Feb 98, keerzijde: stempel ‘Mevr A.M. Stork-Kruyff | Protector voorjaar 1913’ (rechtsonder), krijttekening, krijt op papier, 270 x 325 mm. Collectie: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, E695. Herkomst: tentoonstelling Rotterdam, Kunstzaal De Protector, 1913. Bron: Collectie Nederland

Ongedateerd (vóór 1913)

30. Studieblad met papegaai en parkieten, gesigneerd met initialen ‘S K.’ (rechtsonder), keerzijde: stempel ‘Mevr A.M. Stork-Kruyff | Protector voorjaar 1913’ (rechtsboven), potlood en penseel in waterverf op papier, keerzijde: potlood, 258 x 189 mm.

Collectie: Amsterdam, Rijksmuseum, RP-T-1956-335(R en V)

Herkomst: tentoonstelling Rotterdam, Kunstzaal De Protector, 1913.

Bron: Rijksstudio

31. Slapend kind, gesigneerd met initialen ‘S K.’ (rechtsonder), keerzijde: stempel ‘Mevr A.M. Stork-Kruyff | Protector voorjaar 1913”(rechtsonder), krijttekening, krijt en potlood op papier, 396 x 421 mm. Collectie: Amersfoort, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, E694. Herkomst: tentoonstelling Rotterdam, Kunstzaal De Protector, 1913. Bron: Collectie Nederland

32. Portret van een man, schrijvend, keerzijde: stempel ‘Mevr A.M. Stork-Kruyff | Protector voorjaar 1913’ (rechtsonder), krijt op papier, 268 x 362 mm. Collectie: Amersfoort, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, E696. Herkomst: tentoonstelling Rotterdam, Kunstzaal De Protector, 1913. Bron: Collectie Nederland

33. Portret van een vrouw, keerzijde: stempel ‘Mevr A.M. Stork-Kruyff | Protector voorjaar 1913’ (rechtsonder), vetkrijt en potlood op papier, 270 x 325 mm. Collectie: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, E697. Herkomst: tentoonstelling Rotterdam, Kunstzaal De Protector, 1913. Bron: Collectie Nederland

34. Interieur, stempel ‘Mevr A.M. Stork-Kruyff | Protector voorjaar 1913’ (rechtsonder), krijttekening, zwart krijt op papier, 395 x 480 mm. Collectie: Amersfoort, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, E698. Herkomst: tentoonstelling Rotterdam, Kunstzaal De Protector, 1913. Bron: Collectie Nederland

35. Koeienkop, keerzijde: Hondenstudies, keerzijde: stempel ‘Mevr A.M. Stork-Kruyff | Protector voorjaar 1913’ (rechtsonder), houtskooltekening, houtskool op papier, 280 x 302 mm. Collectie: Amersfoort, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, E699. Herkomst: tentoonstelling Rotterdam, Kunstzaal De Protector, 1913. Bron: Collectie Nederland

36. Arbeider aan de kade, gesigneerd met initialen ‘S K.’ (rechtsonder, onleesbare tekstlinksonder), keerzijde: stempel ‘Mevr A.M. Stork-Kruyff | Protector voorjaar 1913’ (rechtsonder), potlood op papier, 260 x 305 mm. Collectie: Amersfoort, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, E700. Herkomst: tentoonstelling Rotterdam, Kunstzaal De Protector, 1913. Bron: Collectie Nederland

37. Kamerinterieur, gesigneerd met initialen ‘S K.’ (rechtsonder), stempel ‘Mevr A.M. Stork-Kruyff | Protector voorjaar 1913’ (rechtsonder), pentekening, oost-indische inkt en potlood op papier, 396 x
468 mm. Collectie: Amersfoort, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, E984. Herkomst: tentoonstelling Rotterdam, Kunstzaal De Protector, 1913. Bron: Collectie Nederland

38. Zittende dame, gesigneerd met initialen ‘S K.’ (rechtsonder), keerzijde: stempel ‘Mevr A.M. Stork-Kruyff | Protector voorjaar 1913’ (rechtsonder), penseeltekening, bruine inkt op papier, 245 x 347 mm. Collectie: Amersfoort, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, E990. Herkomst: tentoonstelling Rotterdam, Kunstzaal De Protector, 1913. Bron: Collectie Nederland

39. Zittend naakt, keerzijde: stempel ‘Mevr A.M. Stork-Kruyff | Protector voorjaar 1913’ (midden), pentekening, Oost-Indische inkt op papier, 260 x 345 mm. Collectie: Amersfoort, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, E991. Herkomst: tentoonstelling Rotterdam, Kunstzaal De Protector, 1913. Bron: Collectie Nederland

40. Hurkend naakt, keerzijde: stempel ‘Mevr A.M. Stork-Kruyff | Protector voorjaar 1913’ (midden), krijt en potlood op papier, 252 x 342 mm. Collectie: Amersfoort, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, E1004. Herkomst: tentoonstelling Rotterdam, Kunstzaal De Protector, 1913. Bron: Collectie Nederland

41. Liggend naakt, keerzijde: stempel ‘Mevr A.M. Stork-Kruyff | Protector voorjaar 1913’ (midden), potlood op papier, 258 x 347 mm. Collectie: Amersfoort, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, E1005. Herkomst: tentoonstelling Rotterdam, Kunstzaal De Protector, 1913. Bron: Collectie Nederland

42. Studieblad met Dobermann Pinchers, tekst ‘Schetsbladen Mevr E.W. Stork-Kruijff’ (linksonder), waarschijnlijk vóór 1913, potlood, penseel in waterverf, 206 x 310 mm.

Collectie: Amsterdam, Rijksmuseum, RP-T-1956-337

Herkomst: wellicht tentoonstelling Rotterdam, Kunstzaal De Protector, 1913.

Bron: Rijksstudio

43. Studieblad met leeuwin en welpen, tekst ‘Schetsblad van Mevr. E.W. Stork-Kruijff’, waarschijnlijk vóór 1913, pen in bruin, penseel in waterverf, potlood, 253 x 338 mm.

Collectie: Amsterdam, Rijksmuseum, RP-T-1956-336

Herkomst: wellicht tentoonstelling Rotterdam, Kunstzaal De Protector, 1913.

Bron: Rijksstudio

44. Portret van een vrouw met hoed, gesigneerd met initialen ‘S K.’ (rechtsonder), vóór 1913, houtskool, penseel in bruin, papier, 323 x 258 mm.

Collectie: Amsterdam, Rijksmuseum, RP-T-1956-338.

Herkomst: wellicht tentoonstelling Rotterdam, Kunstzaal De Protector, 1913.

Bron: Rijksstudio

Ongedateerd

45. Winterlandschap met paviljoen, kleurpotlood op papier, 387 x 417 mm.

Collectie: Amsterdam, Rijksmuseum, RP-T-1956-339

Bron: Rijksstudio

46. Huis tussen bomen, keerzijde: Ontwerp affiche, Oost-Indische inkt op papier, 190 x 275 mm. Collectie: Amersfoort, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, E992. Bron: Collectie Nederland

47. Petunia, Oost-Indische inkt op papier, 190 x 274 mm. Collectie: Amersfoort, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, E993. Bron: Collectie Nederland

48. Zittende oosterling, Oost-Indische inkt op papier, 188 x 262 mm. Collectie: Amersfoort, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, E994. Bron: Collectie Nederland

49. Studie van hond, keerzijde: Portret van een vrouw, bruin en zwart krijt op papier, 219 x 280 mm. Collectie: Amersfoort, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, E995. Bron: Collectie Nederland

50. Hond in leunstoel, bruin en zwart krijt op papier, 219 x 246 mm. Collectie: Amersfoort, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, E996. Bron: Collectie Nederland

51. Liggende hond, keerzijde: Hondenstudies, zwart krijt op papier, 150 x 214 mm. Collectie: Amersfoort, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, E997. Bron: Collectie Nederland

52. Boerderij aan sloot, krijt op papier, 209 x 288 mm. Collectie: Amersfoort, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, E998. Bron: Collectie Nederland

53. Landweggetje, keerzijde: Studie van een vrouw, krijt op papier, 200 x 279 mm. Collectie: Amersfoort, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, E999. Bron: Collectie Nederland

54. Rij huizen, krijt op papier, 180 x 255 mm. Collectie: Amersfoort, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, E1000. Bron: Collectie Nederland

55. Gezicht op Visé, krijt op papier, 219 x 277 mm. Collectie: Amersfoort, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, E1001. Bron: Collectie Nederland

56. Gezicht op Esneux in de Ardennen (?), krijt op papier. 201 x 251 mm. Collectie: Amersfoort, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, E1002. Bron: Collectie Nederland

57. Zittend naakt, keerzijde: Olifant, potlood op papier, 190 x 280 mm. Collectie: Amersfoort, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, E1003. Bron: Collectie Nederland

58. Kegelaar, keerzijde: Dierenstudies, inkt en potlood op papier, 135 x 180 mm. Collectie: Amersfoort, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, E1006. Bron: Collectie Nederland

59. Portret van een vrouw, keerzijde: Studies van dieren, houtskool en potlood op papier, 219 x 267 mm. Collectie: Amersfoort, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, E1007. Bron: Collectie Nederland

60. Dorpsgezicht, krijt en potlood op papier, 189 x 279 mm. Collectie: Amersfoort, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, E1008. Bron: Collectie Nederland

61. Slapende hond, houtskool op papier, 190 x 290 mm. Collectie: Amersfoort, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, E1009. Bron: Collectie Nederland

62. Slapende hond, houtskool op papier, 190 x 250 mm. Collectie: Amersfoort, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, E1010. Bron: Collectie Nederland

63. Slapende hond, houtskool op papier, 199 x 284 mm. Collectie: Amersfoort, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, E1011. Bron: Collectie Nederland

64. Portret van een jonge vrouw, potlood op papier, 201 x 298 mm. Collectie: Amersfoort, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, E1012. Bron: Collectie Nederland

65. Moeder en kind, potlood op papier, 189 x 278 mm. Collectie: Amersfoort, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, E1013. Bron: Collectie Nederland

Etsen

1889

66. Landschap met schaapsherder, hond en kudde schapen, naar een schilderij van Anton Mauve, gesigneerd (linksonder), ets, 1889, 139 x 252 mm.

Collectie: Amsterdam, Rijksakademie van beeldende kunsten, 311.

Bron: Collectie Nederland

67. De brief, naar een schilderij van Johannes Vermeer, ets, 1889, 231 x 152 mm.

Collectie: Amsterdam, Rijksakademie van beeldende kunsten, 310.

Bron: Collectie Nederland

Ongedateerd (waarschijnlijk vóór 1892)

68. Trekvaart, naar schilderij van Anton Mauve, ‘Maria Kruijff f’ (linksonder) en gesigneerd met initialen ‘M K.’ (rechtsonder), ets met plaattoon op chine collé, 243 x 193 mm.

Collectie: Amsterdam, Rijksmuseum, RP-P-1892-A-17572

Bron: Rijksstudio


Literatuur

  • Amsterdam, Stedelijke internationale tentoonstelling van kunstwerken van levende meesters: catalogus (Amsterdam: Stedelijk Museum, 1912), p. 175. [Delpher en DoME]
  • Brussel, Catalogus der Nederlandsche afdeeling. Algemeene en internationale tentoonstelling te Brussel, 1910 (Amsterdam: ’t Kasteel van Aemstel, 1910), p. 46. [Delpher en Internet Archive]
  • Canter, Bernard, ‘Bij Nederlandsche schilders: De schilderes Anna Maria Stork geb. Kruyff’, Op de hoogte 9 nr. 4 (1912), p. 309-314. [Delpher].
  • Den Haag, Rijksdienst Beeldende Kunst, Old Master Paintings. An Illustrated Summary Catalogue (Zwolle: Wbooks, 1992).
  • Hekker, C., ‘Kunstenaars in Artis rond 1900: De portefeuille aangeboden aan dr. C. Kerbert bij zijn 25-jarig jubileum als directeur van Artis’, Holland 20, nr. 4-5 (1988), p. 261-270. [Delpher]
  • Kynophilos, ‘De kunst en de hondensport’, De revue der sporten 2, nr. 4 (1908), p. 98-100. [Delpher]
  • Plasschaert, Alb., Korte geschiedenis der Hollandsche schilderkunst : van af de Haagsche School tot op den tegenwoordigen tijd (Maatschappij voor Goede en Goedkoope Lectuur, 1923). [Delpher]
  • de Vries Jr, R.W.P., ‘A Marie v.d. Werk – Kruijff’, Laarder Courant De Bel (25 januari 1929), p. 1. [Archief Gooi- en Vechtstreek]
  • Waller, François Gerard, Biographisch woordenboek van Noord Nederlandsche graveurs (Nijhoff, 1938). [Delpher]
  • Wolf, N.H., ‘Anna Maria Kruijff: Tentoonstelling Kunstzaal De Protector, Rotterdam’, De kunst 5, nr. 267 (1913), p. 356-358. [Delpher]

Noten

[1] W. in Het leven 2, nr. 20 (1907), p. 625 [Delpher].

[2] de Vries Jr 1929, p. 1.

[3] Noord-Hollands Archief te Haarlem, archief 358.6, inv.nr. 1618, 19-07-1907, Huwelijksakten van de gemeente Amsterdam, 1907, aktenr. Reg. 2E fol. 3 [Noord-Hollands Archief].

[4] Kynophilos 1908, p. 100.

[5] Nederlandsche sport 25, nr. 1322 (5 mei 1906), p. 9 [Delpher]. Zie ook een verslag van L. Meyer in Nederlands hondensport: bijvoegsel van De Nederlandsche jager 11, nr. 50 (1906) [Delpher].

[6] Nederlandsche sport 26, nr. 1448 (1907), p. 8 [Delpher]. Zie ook Het vaderland (4 september 1907), p. 9 [Delpher].

[7] Nederlandsche sport 27, nr. 1532 (1908), p. 6 [Delpher].

[8] Zie De revue der sporten 1, nr. 26 (14 mei 1908), p. 228 [Delpher].

[9] Nederlandsche sport 27, nr. 1566 (1908), p. 5 via Delpher].

[10] Voor het verslag, zie Th. H. v.d. H., ‘De hondententoonstelling van Nimrod en Cynophilia op 8, 9 en 10 mei te Amsterdam’, De revue der sporten 1, nr. 26 (mei 1908), p. 873-877 [Delpher].

[11] Kynophilos 1908.

[12] Nederlandsche sport 27, nr. 1524 (1908), p. 7 [Delpher].

[13] Volgens Het nieuws van den dag (11 april 1913).

[14] Leo Lauer, ‘Sport en spel in de kunst’, De revue der sporten 10, nr. 14 (1916), p. 186-187 [Delpher] Tevens in De revue der sporten 12, nr. 21 (1919), p. 295 [Delpher].

[15] Canter 1912.

[16] In de catalogus van de tentoonstelling in cat. Brussel 1910 (p.) wordt als Kruijffs adres nog de Vossiusstraat genoemd, maar in cat. Amsterdam 1912 (p. 175) is dat inmiddels Singel 207.

[17] de Vries Jr. 1929, p. 3. De tentoonstelling krijgt bovendien aandacht in het weekblad De kunst. Zie Wolf 1913.

[18] Zie De Amsterdammer (16 maart 1913),p. 2 [Historisch Groene].

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Back to Top