Schavende jongen

In een eerdere blogpost schreef ik over een aantal verwante kunstenaars uit de getalenteerde familie IJzerdraat. Een van hen is Leonard IJzerdraat (1888-1969).[1] Deze een-na-jongste telg van de familie is werkzaam als graficus en houtsnijder. Werk kende ik echter nog niet, totdat me een tentoonstellingsaffiche met een schavende jongen onder de ogen kwam. De expositie, waarvoor IJzerdraat zijn poster ontwerpt, komt voort uit de overtuiging dat handarbeid een verplicht onderdeel moet zijn van het onderwijs aan jongens. Het ontwerp van zijn affiche lijkt geworteld in persoonlijke herinneringen aan zijn schooltijd en wordt mogelijk gevoed door familieomstandigheden, met meerdere broers en zussen die handarbeid onderwijzen.

Handenarbeid in het onderwijs

Met de poster maakt IJzerdraat reclame voor een tentoonstelling van handenarbeid. Een schavende jongen speelt de hoofdrol en dat is niet voor niets zo. Voor meisjes is handenarbeid namelijk al eeuwenlang een deel van het onderwijs. Tijdens deze lessen – meestal ‘nuttige handwerken’ genoemd – leren meisjes vooral naaien, breien, borduren en herstelwerkzaamheden uitvoeren. Voor jongens bestaat het vak handenarbeid aan het begin van de 20e eeuw echter nog niet.

Volgens sommigen moet daarin verandering komen en vanaf het eind van de 19e eeuw zijn er al mensen die voor het vak handenarbeid op jongensscholen pleiten. In 1881 wordt daarvoor de Nederlandsche Vereeniging tot Bevordering van het Onderwijs in Handenarbeid opgericht en de eerste tentoonstelling van handenarbeid in het onderwijs vindt plaats in 1885 volgens Algemeen handelsblad (10 januari 1920).

Tentoonstelling

Sinds Amsterdam 1912 heeft echter geen tentoonstelling van handenarbeid meer plaatsgevonden, klaagt een verslaggever van Het vaderland (23 juli 1920). In 1920 neemt de afdeling Rotterdam van de Nederlandsche Vereeniging tot bevordering van het onderwijs in handenarbeid daarom het initiatief voor een nieuwe expositie volgens Nieuwe Rotterdamsche courant (10 januari 1920). Belangrijk doel is om de discussie over het nut van handenarbeid voor jongens in het voordeel van het vak te doen doorslaan.

Reclameposter, uitgevoerd in houtsnede en afgedrukt in litho, met daarop een schavende jongen achter een werkbank en daarboven de tekst Tentoonstelling van Handenarbeid bij het Onderwijs, en daaronder In de gebouwen der Gem. Kweekschool voor Onderwijzers te Rotterdam, Veemarkt, 22 juli 1920 7 aug
Leo IJzerdraat, Tentoonstelling van handenarbeid in het onderwijs, houtsnede, gesigneerd in de plaat (rechtsonder), vervolgens gedrukt in litho door Cornelis Immig en Zoon, Rotterdam, 1920. Collectie onbekend. Bron: Korst van der Hoeff

De tentoonstelling zal plaatsvinden de Gemeentelijke Kweekschool voor Onderwijzers aan de Veemarkt te Rotterdam. De timing is goed, zo meldt de verslaggever van Nieuwe Rotterdamsche courant (10 januari 1920), omdat handenarbeid op sommige scholen inmiddels een van de leervakken is, maar nog lang niet overal. Bovendien spreekt de journalist de hoop uit:

… dat door velen uit alle hoeken van ons land deze tentoonstelling zal worden bezocht en dat autoriteiten zelf een kijkje zullen nemen, maar dat ze ook hun deskundigen zullen zenden, om meerdere studie van dit vak te maken.

Tijdens de tentoonstelling, bedoeld als propagandamiddel voor het vak, worden niet alleen werkstukken van leerlingen getoond, maar ook demonstraties gegeven van lessen in handenarbeid. Dat is bijvoorbeeld te lezen in Algemeen handelsblad (30 juni 1920).

Internationaal

De voortekenen zijn gunstig, want het plan krijgt aandacht in de nationale pers. De tentoonstelling wordt dan ook ingericht als een nationale aangelegenheid en in maart hebben zich al verschillende onderwijsinrichtingen en particulieren uit heel Nederland aangemeld volgens Het vaderland (6 maart 1920).

Ook vanuit het buitenland is belangstelling. Inzendingen zijn toegezegd uit Duitsland, Engeland, Zweden en Denemarken, waardoor bezoekers zich een beeld kunnen vormen van handarbeidlessen in die landen. Bovendien zijn er al nationale en internationale sprekers bereid gevonden:

Als spreker tijdens de tentoonstelling zullen uit ons land optreden de heeren Prof. R. Casimir, Dr, J. H. Gunning Wzn, Klaas de Vries en D. Been. terwijl uit het buitenland verwacht worden Prof. Green uit Sheffield en Prof. Georg Kerschensteiner uit Munchen, alhoewel de laatste nog geen definitieve toezegging kon doen, met het oog op eventueele aanvaarding van het hem onlangs aangeboden professoraat.

Het gaat hier om opvoedkundigen van naam, vooral Rommert Casimir, Johannes Hermanus Gunning, John Alfred Green en Georg Kerschensteiner.[2] Volgens kort bericht in De Nederlander (28 april 1920) zegt Kerschensteiner, die eerder “nog geen definitieve toezegging kon doen”, uiteindelijk toe. De deelnemers uit Engeland zien zich daarentegen alsnog verhinderd volgens Algemeen handelsblad (23 juli 1920).

Belangeloos

Volgens De Maasbode (29 juni 1920) heeft Leo IJzerdraat “xilograaf te Den Haag” bovendien belangeloos “een reusachtige houtsnede” ontworpen.[3] Het resultaat van zijn inspanningen is genoemde reclameposter voor de tentoonstelling. Centraal staat daarop, wit tegen een zwarte achtergrond, een jongen die druk bezig is met houtbewerking. Zijn voeten staan ver uiteen zodat hij kracht kan zetten terwijl hij een schaaf over een plank op de werkbank haalt.

Detail van een reclameposter, uitgevoerd in houtsnede, afgedrukt in litho, met daarop een schavende jongen achter een werkbank
Leo IJzerdraat, reclameplaat, detail met schavende jongen, 1920. Bron: Korst van der Hoeff

Boven en onder het beeld van de jongen staat in zwarte letters op een witte ondergrond dat de tentoonstelling van 22 juli tot 7 augustus 1920 in Rotterdam zal plaatsvinden. Rechts en links is in smalle kolommen houtbewerkingsgereedschap voorgesteld, van boven naar beneden: links een beitel of guts, een uitgeklapte duimstok en een nijptang en rechts een hamer, wederom een duimstok en een passer. De instrumenten zijn dusdanig gepositioneerd dat ze elkaar spiegelen. Zo ontstaat een evenwichtige compositie. Bovendien symboliseert het gereedschap in de marge de verschillende vaardigheden die in handwerklessen aan bod komen.

Detail van een reclameposter, uitgevoerd in houtsnede, afgedrukt in litho, met daarop de tekst dat ontwerp en houtsnde van Leo Ijzerdraat zijn en de druk van Corn Immig & Zoon Rotterdam
Leo IJzerdraat, reclameplaat, detail met naam van de drukker (links) en van de ontwerper (rechts), 1920. Bron: Korst van der Hoeff

Daarbij is het ongetwijfeld een bewuste keuze om een houtbewerkende jongen centraal te stellen. Houtbewerking is immers een vaardigheid die vooral aan jongens wordt onderwezen en dus een passend onderwerp voor het affiche. De keuze om het ontwerp vervolgens in houtsnede uit te voeren sluit bovendien bij het onderwerp aan. IJzerdraat verbeeldt de jeugdige houtsnijder immers in houtsnede, waardoor de poster niet alleen de lespraktijk visualiseert, maar ook een voorbeeld toont van de techniek waarin de afgebeelde jongen zijn vaardigheden ontwikkelt.

Meervoudig

De voorstelling is bovendien gemaakt met meervoudig gebruik in het achterhoofd, want, zo schrijft de verslaggever van De Maasbode (29 juni 1920):

Het binnenvak hiervan, voorstellende een schavende jongen, kan na afloop der tentoonstelling gemakkelijk van de omranding van letters worden ontdaan en dan dienen als schoolversiering.

Met andere woorden, IJzerdraat heeft voor verschillende onderdelen aparte platen gebruikt. Deze worden tijdens het drukken samengevoegd, maar kunnen ook los worden afgedrukt. Het centrale beeld van de schavende jongen kan daarom na de tentoonstelling opnieuw ingezet worden voor het drukken van bijvoorbeeld schoolplaten. Of dat daadwerkelijk is gebeurd, durf ik niet te zeggen. Schoolplaten waarvoor IJzerdraats houtsnedes zijn gebruikt, ken ik namelijk niet.

Broer Bernardus

Als hij het affiche ontwerpt, woont Leo IJzerdraat in Den Haag.[4] In 1921 verhuist hij naar Tilburg waar hij het jaar daarna in het huwelijk treedt met Maria Theresia Antonia Wolfs. De Haagse IJzerdraat ligt dus niet voor de hand als ontwerper van de reclameplaat voor de Rotterdamse tentoonstelling, maar IJzerdraats betrokkenheid is wel verklaarbaar. Sinds 1917 is Leo’s jongere broer Bernardus IJzerdraat (1891-1942) namelijk als leraar handenarbeid verbonden aan de Rotterdamse kweekschool waar de tentoonstelling plaats zal vinden.[5] Over deze jongste telg van de familie IJzerdraat schreef ik al eerder in een blogpost getitels ‘Weven op de kaart’.

Niet alleen werkt Bernardus op de kweekschool voor onderwijzers waar de tentoonstelling zal worden gehouden. De schooldirecteur W. Reindersma, met wie Bernardus goed bekend is, heeft bovendien plaats in het erecomité van de tentoonstelling.[6] Bovendien treedt Bernardus toe tot het regelingscomité volgens De Maasbode (29 juni 1920).[7] Hij is dus een van de organisatoren van de expositie.

De nauwe betrokkenheid van Bernardus IJzerdraat bij de organisatie blijkt bovendien uit een kleine anekdote. Op woensdagavond 4 augustus zullen de opvoedkundigen Rommert Casimir en Georg Kerschensteiner te spreken komen, maar als puntje bij paaltje komt, is Kerschensteiner afwezig, “waarschijnlijk ten gevolge van een verzuim van de post” volgens Nieuwe Rotterdamsche courant (5 augustus 1920). Later blijkt dat Kerschensteiner niet kan komen vanwege een oogziekte, maar een telegram met zijn verontschuldiging arriveert te laat om de organisatie tijdelijk te verwittigen.[8] OP stel en sprong moet dus vervanging voor deze spreker gevonden worden en dat zijn J. Bastiaans en Bernardus IJzerdraat, volgens De standaard (6 augustus 1920).

Familie

Alle aanwijzingen schetsen een beeld van de belangrijke rol van Bernardus IJzerdraat in de totstandkoming van de tentoonstelling. Wellicht krijgt Leo de opdracht voor de reclameplaat dus na bemiddeling van zijn broer die veel van de touwtjes in handen heeft. Leo is bovendien niet het enige lid van de familie IJzerdraat die bijdraagt. Tijdens de expositie zijn volgens verslaggevers van Nieuwe Rotterdamsche courant (23 juli 1920) en Haarlem’s dagblad (1 juli 1920) “fraaie werkstukjes” te zien van de particuliere handwerkcursussen van Johan IJzerdraat in Haarlem.[9] Bovendien hangen er foto’s van grotere projecten van Johan die moeilijk te exposeren zijn. Net als Leo IJzerdraat is ook Johan een broer van Bernardus IJzerdraat.

Twee foto's ter illustratie in de tentoonstellingscatalogus met daarop instrumenten voor de vakken wis- en natuurkunde, gemaakt door handarbeidleerlingen
Anoniem, Voor de Wis- en Natuurkunde, werkstukken gemaakt door leerlingen van de Gemeentelijke Kweekschool voor Onderwijzers te Rotterdam, illustraties bij het stuk geschreven door Bernardus IJzerdraat in Rotterdam [1920], p. 49. Bron: Delpher

Over Johan IJzerdraat schreef ik uitvoerig in de blogpost ‘Kluwen IJzerdraat’, evenals over zijn zus Anna IJzerdraat die lerares handarbeid aan het Kennemer Lyceum te Bloemendaal is. Van haar ligt ook werk op de Rotterdamse tentoonstelling, te weten cartonnagewerk, versierd met handgedrukt sierpapier van schilderes Hermine IJzerdraat.[10] Ook Anna en Hermine zijn zussen van Bernardus en Hermine kwam al eens uitvoerig aan bod in twee posts getiteld ‘Veel kennis en kunst’ en ‘Modetrends op de hak’.

Daarnaast is in Rotterdam werk te zien van de kweekschool waar Bernardus zelf als leraar handenarbeid actief is.[11] Ook al wordt hij niet expliciet genoemd, het tentoongestelde werk is ongetwijfeld van zijn leerlingen, in ieder geval ten dele. Het stuk in de tentoonstellingsgids over het werk van de Rotterdamse kweekschoolleerlingen is bovendien door Bernardus persoonlijk geschreven en ondertekend.[12]

Pleidooi

Tot slot eindigt Bernardus IJzerdraat de catalogus met een vurig pleidooi voor lessen handenarbeid.[13] Zijn broer Johan IJzerdraat speelt een belangrijke rol in zijn argumentatie, want, zo schrijft Bernardus in zijn eindbetoog:

Het kiekje op pag. 16 laat U een huisje zien in de nabijheid van Lunteren. Het is gebouwd in een der vakantie-kursussen van den heer Joh. IJzerdraat door een groepje jongens en bestemd als poppenspeelhut voor de diverse zusjes van die jongens. Het zal niet moeilik [sic] zijn toe te stemmen, dat dergelijke arbeid niet voor sport, in welk opzicht dan ook, behoeft onder te doen en persoonlik [sic] ben ik overtuigd, dat hij er in vele opzichten verre boven verheven is.

Foto ter illustratie in de tentoonstellingscatalogus met daarop een klein huisje in een bos met poserende kinderen en twee mannen voor de deur
Anoniem, Huisje te Lunteren, gemaakt door de leerlingen van de vakantiecursus van handenarbeidleraar Johan IJzerdraat, foto ter illustratie in de tentoonstellingsgids Rotterdam [1920], p. 16. Bron: Delpher

Bernardus besluit zijn redevoering met de woorden: “Voor de Handenarbeid moet in het Onderwijs, dunkt mij, een ruime plaats worden ingeruimd.”

Levend bewijs

Kortom, Bernardus speelt een essentiële rol in de organisatie van de tentoonstelling in de kweekschool waar hij als docent handenarbeid werkzaam is. Ook klimt hij in de pen om het belang van handenarbeid op scholen te benadrukken. Ten slotte schuwt hij niet om zijn broers en zussen bij de uitvoering te betrekken. Zowel in expositie als in tentoonstellingsgids voert Bernardus zijn familie op als het levende bewijs van het belang van handenarbeid op school.

De tentoonstelling is allereerst bedoeld als propagandamiddel ter bevordering van handenarbeid in het onderwijs. Daarnaast kan hij vanwege de inspanningen van Bernardus beschouwd worden als een uithangbord van de prestaties van de handvaardige familie IJzerdraat. Met zijn tentoonstellingsaffiche creëert Leo IJzerdraat, waarschijnlijk na tussenkomst van Bernardus, het beeldmerk voor de tentoonstelling.


Noten

[1] Voor de geboorteakte van Leo IJzerdraat, zie Noord-Hollands Archief te Haarlem, archief 358.46, inv.nr. 11888, 06-12-1888, Geboorteakten van de gemeente Haarlem, 1888, aktenr. 1591 [Noord-Hollands Archief]. Voor de overlijdensakte, zie Brabants Historisch Informatie Centrum te Brabant, BS Overlijden Deel: 4605, Periode: 1969, Zevenbergen, archief 1299, inv.nr. 4605, 12 juni 1969, Overlijdensregister Zevenbergen 1969, aktenr. 43 [BHIC].

[2] Voor Casimir, zie onder andere E. Mulder, ‘Kasimier, Rommert (1877-1957).’ In Biografisch Woordenboek van Nederland, laatste update: 12 november 2013 [Huygens Instituut]. Voor Gunning, zie E. Mulder, ‘Gunning [Wzn.], Johannes Hermanus (1859-1951).’ In Biografisch Woordenboek van Nederland, laatste update 12 november 2013 [Huygens Instituut]. Voor Kerschensteiner, zie Ludwig Englert ‘Kerschensteiner, Georg.’ In: Neue Deutsche Biographie (NDB), vol. 11 (Berlijn: Duncker & Humblot, 1977), p. 534-536 [online]

[3] Zijn naam wordt tevens genoemd in de gids die bij de tentoonstelling van handenarbeid wordt uitgegeven. Zie Rotterdam [1920], Gids van de tentoonstelling van handenarbeid bij het onderwijs te Rotterdam: van 22 Julie tot 7 Augustus 1920 in de gebouwen van de gemeentelike kweekschool (Rotterdam: Vereniging tot Bevordering van het Onderwijs in Handenarbeid in Nederland, Afd. Rotterdam, en Cornelis Immig en Zoon), p. 3 [Delpher].

[4] Zie Haags Gemeentearchief, archief 0354-01, inv.nr. 2001, 1913, Haags Bevolkingsregister (gezinskaarten) [Haags Gemeentearchief]. Voor de huwelijksakte, zie Brabants Historisch Informatie Centrum, archief 550, inv.nr. 3056, 16 mei 1922, Huwelijksregister Tilburg 1922, aktenr. 145 [BHIC]. Het stel ontmoet elkaar waarschijnlijk in Den Haag, want Wolfs staat daar vanaf 1917 ingeschreven. Zie Haags Gemeentearchief, archief 0354-01, inv.nr. 1980, 1913, Haags Bevolkingsregister (gezinskaarten) [Haags Gemeentearchief]. IJzerdraat vertrekt vervolgens op 27 april uit de hofstad naar Tilburg, Wolfs op 24 oktober 1921.

[5] Voor de aanstelling, zie De Maasbode (16 augustus 1917), p. 3 [Delpher].

[6] Bijvoorbeeld Nieuwe Rotterdamsche courant (16 april 1920), p. 3 [Delpher] en De Maasbode (29 juni 1920), p. 2 [Delpher].

[7] Zie Rotterdam [1920], p. 4 [noot 3].

[8] J. Bastiaans, ‘Tentoonstelling van handarbeid bij het onderwijs te Rotterdam van 22 juli tot 7 augustus’, School en leven 22, nr. 5 (september 1920), p. 75-78 [Delpher].

[9] Rotterdam [1920], p. 5 en p. 26 (over nr. 12) [noot 3].

[10] Id., p. 5 [noot 3].

[11] Zie bijvoorbeeld Algemeen handelsblad (23 juli 1920), p. 6 [Delpher] en ook Rotterdam [1920], p. 8 [noot 3].

[12] Rotterdam [1920], p. 48-50 (over nr. 25) [noot 3].

[13] Id., p. 64-74 [noot 3].

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Back to Top