Perkament als verwonde huid

De tentoonstelling Body Language in Museum Catharijneconvent laat zien dat het lichamelijke een belangrijke rol speelde in de religieuze ervaring van de late middeleeuwen. Allerlei religieuze voorstellingen tonen het bloed van Christus en brengen zijn lichamelijke pijn levendig in beeld. De passie, elke marteling, werd tot in detail uitgesponnen, zodat de gelovige met hem kon meeleven. Maar het lichamelijke kwam in de late middeleeuwen niet alleen tot uitdrukking in teksten en voorstellingen. Ook de materiële dragers van tekst en beeld konden het lichaam van Christus dichtbij brengen. Het perkament van religieuze handschriften en houtsneden kon transformeren in de verwonde huid van Christus.

Bloedende pagina’s

In The British Library wordt een klein handgeschreven psalter uit 1480-1490 bewaard. Een opvallend onderdeel is niet de tekst, maar vooral de eerste onbeschreven pagina’s. De eerste drie hebben geschilderde bloedspatten op een zwarte ondergrond. De daarop volgende pagina’s zijn rood gekleurd, terwijl de rode druppels per folio in hoeveelheid toenemen.

Engels psalter met een rozenkrans in Latijn en Engels, ca 1480-1490, perkament, 180 x 130 (120 x 90) mm. The British Library, Ms Egerton 1821, ff. 6v-7r. Bron: British Library Illuminated Manuscripts

De laatste drie van de genoemde pagina’s hebben bovendien elk een houtsnede. Deze zijn vanaf het begin onderdeel geweest van de met bloeddruppels bedekte pagina’s. Degene die de folio’s kleurde, schilderde de bloedspatten immers over de houtsneden heen. Eerst bracht de maker de rode ondergrond aan en vervolgens de prenten, zo blijkt. Pas daarna schilderde deze de druppels.

Engels psalter, BL Egerton 1821, ff. 8v-9r. Bron: British Library Illuminated Manuscripts

De bloeddruppels zijn gelijkmatig over de houtsneden verdeeld, maar er zitten er extra op het lichaam van Christus. De drie nagels in een van de vijf vakken onder aan de eerste houtsnede zijn ook overvloedig met rode verf besmeurd. Het bloed, zo lijkt het, drupt nog van de nagels naar beneden alsof ze juist uit het lichaam van Christus zijn getrokken. De maker dacht zorgvuldig na over waar de rode verf te plaatsen.

Naar aanleiding van het opvallende en bloederige katern in dit psalter schreef Nancy Thebaut een artikel waarin zij aandacht vroeg voor de materialiteit ervan:

Would the owner and reader of Egerton 1821 have understood that
the red, wound-filled pages are metonymically Christ’s actively bleeding
body?

– Nancy Thebaut, “Bleeding Pages, Bleeding Bodies,” p. 188

Vatte de eigenaar en gebruiker van het psalter het bloedende perkament op als het bloedende lichaam van Christus, zo vroeg Thebaut zich af.

Verwonde huid

De met rode verf bedekte pagina’s doen sterk denken aan de verwonde huid van Christus, zeker in combinatie met de ingelijmde voorstellingen van de passie. Geertgen tot Sint Jans schilderde een paneel met daarop een Christusfiguur. Zijn lijf bedekt met bloeddruppels is vergelijkbaar met de bebloede pagina’s van het Engelse psalter.

Geertgen tot Sint Jans, Christus als man van smarten, ca 1490, olie op paneel, 24,5 x 24 cm. Museum Catharijneconvent, ABM s63. Foto: Ruben de Heer. Bron: Museum Catharijneconvent

Een detail van Christus’ lichaam op het schilderij van Geertgen tot Sint Jans laat zien hoe dicht de bloedende huid van Christus bij het met bloedspatten bedekte perkament in de buurt komt. De vergelijking toont tevens aan dat de streepjes op de perkamenten pagina’s wonden moeten voorstellen. De bloeddruppels komen uit kerfjes in het perkament, zo lijkt de maker te suggereren. De perkamenten pagina’s in het Engels psalter zijn niet alleen bedekt met bloed. Het perkament bloedt zoals de verwonde huid van Christus.

Geertgen tot Sint Jans, Christus als man van smarten, detail: zijdewond. Foto: Marco Sweering. Engels Psalter. Bron: British Library Illuminated Manuscripts

Intensivering van lijden

De opeenvolgende pagina’s tonen een intensivering van het lijden. De pagina’s kleuren van zwart naar rood. Bovendien neemt de hoeveelheid bloedspatten toe. Folio 7r is bedekt met meer wonden en bloeddruppels dan het voorgaande. Ten slotte bevatten de laatste pagina’s de houtsneden die het lijden van Christus het meest expliciet in beeld brengen.

De intensivering van het lijden door een vermenigvuldiging van bloed en wonden is niets nieuws in laatmiddeleeuwse voorstellingen van de passie. Rond 1525-1530 schilderde de verluchter Simon Bening een reeks van 64 scènes, verdeeld over vier panelen. Samen vormen deze een vierluik, ook wel het Stein quadriptiek genoemd. De panelen met elk 16 afbeeldingen tonen het levensverhaal van Maria en Christus in een doorlopend narratief.

Simon Bening, selectie uit de 64 scènes van het Stein quadriptiek, miniaturen op perkament, bevestigd op paneel, 1525-30. Baltimore, Walters Art Museum, W. 442. Bron: Digitized Walters Manuscripts

Hoewel er aandacht is voor het leven van Maria en de jeugd van Christus, ligt de nadruk op de passie. Zodra de lijdensweg zijn aanvang neemt, beginnen ook de lichaamssappen te stromen, te beginnen met tranen in Gethsemane. Als de soldaten Christus opgepakt hebben en Christus gemarteld gaat worden, begint ook diens bloed te vloeien. Bij de eerste martelingen stroomt het bloed uit de neus van Christus. Als de martelaars Christus vervolgens geselen, verschijnen er bloeddruppels op zijn naakte bovenlichaam. Wanneer men Christus uiteindelijk aan het kruis nagelt, is zijn lichaam van bloed doordrenkt. Zijn lichaam is volledig rood, zoals het perkament in het Engels psalter.

Perkament als verwonde huid

De associatie van perkament met huid lag voor de hand. Perkament was immers gemaakt van huid, weliswaar van dieren, maar het was huid desalniettemin. Het perkament van het Engels psalter is niet de huid van Christus, maar een hulpmiddel voor de gelovige om dicht bij de lijdende Christus in de buurt te kunnen komen. Omdat men het perkament met huid associeerde, kon het ook Christus’ lichaam vertegenwoordigen.

Het idee van perkament als huid lijkt uitgewerkt te worden in een handgekleurde houtsnede met het gewonde hart van Christus, nu in het Metropolitan Museum of Art. De Duitse houtsnede stamt uit dezelfde tijd als het Engels psalter.

Het gewonde hart, handgekleurde houtsnede, Duits, c. 1480-1480, 84 x 67 mm (blad). Metropolitan Museum of Art, bequest of James Clark McGuire, 1930,
31.54.142. Bron: Metropolitan Museum of Art

Een engel houdt een doek omhoog waarvoor een verguld hart zweeft. Het is het hart van Christus met de wond die een Romeinse soldaat hem toebracht, toen Christus aan het kruis hing. De wond is niet gedrukt of geschilderd, maar in het perkament gekerfd. De snede in het perkament moet vanaf het begin onderdeel zijn geweest van de voorstelling, want de gedrukte tekst rondom luidt: ‘O du susser ihesu / crist wie ser dir / dem hercz durch / stochen ist.’ Vertaald staat er: ‘O jij zoete Jezus Christus [deze voorstelling laat zien] hoe erg jou je hart werd doorstoken.’

Met rode verf suggereerde de maker dat het bloed uit de wond in een kelk sijpelt die ernaast op de grond staat. Hier wordt een directe link met de Eucharistie gelegd, wanneer het bloed van Christus in wijn verandert. Zo brengt de prent de gelovige in herinnering dat het bloed van Christus vergoten was voor de zonden van de mensheid. Daardoor legt de kelk een direct verband tussen het bloed en de consumptie ervan. De prent stimuleerde zo een zintuigelijke ervaring van de passie, niet alleen via de ogen, maar ook via de zintuigen van tast en zelfs smaak.

Spirituele ervaring

Volker Schier en Corine Schleif plaatsten de prent in een traditie van bedevaartssouvenirs uit Neurenberg. In die stad konden pelgrims de lans bekijken waarmee de Romeinse soldaat Christus’ hart had doorstoken. In het Staatsarchiv in Neurenberg bevinden zich meer houtsneden met een tekst die erop wijst dat het perkament met deze lans werd doorstoken. Pelgrims konden deze houtsneden vervolgens aanschaffen en meenemen.

Of de hier getoonde houtsnede een souvenir uit Neurenberg betreft of niet, de snee transformeert het perkament in huid. Op de plaats van de kerf, en ook elders, is het verguldsel weggesleten. Ook het met rode verf geschilderde bloed dat uit de wond in de kelk daaronder stroomde, is nauwelijks nog zichtbaar. Mogelijk raakten het verguldsel en de rode verf beschadigd doordat gelovigen met hun vingers de snee en het bloed beroerden. De gelovige keek niet alleen naar de bloedende wond, maar kon deze ook voelen. Dergelijke aanrakingen intensiveerden mogelijk de spirituele ervaring.

Prent en boek waren in de late middeleeuwen meer dan een middel om beeld of tekst tot zich te nemen. Het materiaal van het devotionele instrument kon ook een rol spelen in de religieuze beleving. Om de devotionele ervaring te verdiepen kon men zich het perkament voorstellen als de verwonde huid van Christus. Via het perkament kon de gelovige Christus’ lichaam zien, gewond en bloedend, en zo de passie beleven, alsof deze hier en nu plaatsvond.


Meer zien en lezen?

De tentoonstelling Body Language in Museum Catharijnconvent is nog te zien tot 17 januari 2021. Mijn website bevat meer blogs over boekverluchting en decoratie van religieuze handschriften en ook over laatmiddeleeuwse houtsneden. Ook schreef ik vaker over het gebruik van religieuze handschriften.

Voor de onderwerpen die in dit artikel aan de orde komen, zie:

  • Nancy Thebaut. “Bleeding Pages, Bleeding Bodies: A Gendered Reading of British Library MS Egerton 1821.” Medieval Feminist Forum: A Journal of Gender and Sexuality 45, nr. 2 (2009): 175-200, DOI: 10.17077/1536-8742.1815 [online]
  • Volker Schier en Corine Schleif, “Seeing and Singing, Touching and Tasting the Holy Lance: The Power and Politics of Embodied Religious Experiences in Nuremberg, 1424–1524.” Signs of Change: Transformations of Christian Traditions and their Representation in the Arts, 1000–2000, red. Nils Holger Petersen, Claus Cluver en Nicolas Bell (Amsterdam en New York 2004): 401-426 (over de houtsnede in Metropolitan Museum of Art).
  • Thomas Kren en Scot McKendrick (red.). Illuminating the Renaissance: The Triumph of Flemish Manuscript Painting in Europe (Los Angeles en Londen 2003), pp. 458-460 (over het Stein quadriptiek)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Back to Top