Het geweld van het water

Toen prentmaker en uitgever Christiaan Josi, in samenwerking met Jacob Cats, een voorstelling maakte van een dijkdoorbraak bij Bemmel in 1799, gingen zij te rade bij oudere prenten. Meest invloedrijk was een afbeelding die Willem Schellinks in 1651 gemaakt had, van de doorbraak van de Sint Anthonis- of Diemerdijk. De populariteit van Schellinks’ voorstelling aan het einde van de 18de eeuw moet niet worden onderschat. Ook een voorstelling van een dijkdoorbraak in de buurt van Zutphen in 1784 gaat bijna letterlijk terug op Schellinks. De wijze waarop deze het tomeloze geweld van het water had weergegeven, maakte zijn prent steeds weer actueel.

Het doorbreken van de St Anthonisdijk buiten Amsterdam, ets en gravure
Pieter Nolpe naar Willem Schellinks, Het doorbreken van de St Anthonisdijk buiten Amsterdam, ets en gravure, 406 x 510 mm. Rijksmuseum Amsterdam, RP-P-OB-76.971. Bron: Rijksstudio

Tomeloos geweld

Tekenaar, prentmaker en uitgever Christiaan Josi (1768 – 1828) ging te rade bij Schellinks voor de kracht waarmee het water door de bres komt. De dijk wordt uiteen gereten. Wortels van bomen komen daarbij bloot te liggen. Als zwarte tentakels steken ze af tegen het witte water, zoals bij Schellinks.

Dijkbreuk en overstromingen bij Bemmel in 1799, ets en aquatint
Christiaan Josi en Jacob Cats, Dijkbreuk en overstromingen bij Bemmel in 1799, ets en aquatint, uitgegeven door Christiaan Josi, 492 x 590 mm, Rijksmuseum Amsterdam, RP-P-AO-4A-94. Bron: Rijksstudio

Ook vijftien jaar eerder, in 1784, troffen zware overstromingen het rivierengebied. Toen brak onder andere een dijk in de buurt van Zutphen en het water had het land achter de dijk doen overstromen. Als gevolg raakten mensen in nood en verschillenden verkeerden in doodsgevaar.

Naar aanleiding hiervan memoreerde een anonieme auteur in een gedenkboek:

De dyk by het Hoendernest leed zulk eene geweldige doorbraak, dat het water, met een toomeloos geweld, door de gemaakte bres heenbruischte. 

Naauwkeurige beschryving der overstroomingen… (Leiden en Amsterdam 1785), p. 440.

Een geweldige doorbraak in beeld

De prentmaker Matthias de Sallieth had voor de passage in het gedenkboek over 1784 een ets vervaardigd, naar een ontwerp van de Amsterdamse tekenaar en schilder Steven Goblé (1749 – 1799).

Dijkbreuk bij het Hoendernest even buiten Zutphen 1784, ets en gravure
Mathias de Sallieth en Franciscus Sansom naar Goblé, Dijkbreuk bij het Hoendernest even buiten Zutphen 1784, ets en gravure, 228 x 310 mm, illustratie in: Naauwkeurige beschryving der overstroomingen, benevens derzelver treurige gevolgen (…) in den jaare MDCCLXXXIV voorgevallen (Leiden en Amsterdam 1785). Rijksmuseum Amsterdam RP-P-OB-85.293. Bron: Rijksstudio
Het doorbreken van de St Anthonisdijk buiten Amsterdam, detail
Pieter Nolpe naar Willem Schellinks, Het doorbreken van de St Anthonisdijk buiten Amsterdam, detail. Rijksmuseum Amsterdam, RP-P-OB-76.971. Bron: Rijksstudio

Bij het ontwerp van Goblé lijkt de rust iets te zijn weergekeerd. Het water komt niet langer met grote kracht door de dijk. Het gat is breder en de dijk minder hoog, maar de opbouw van Goblés voorstelling is vergelijkbaar met Schellinks.

De ontwerper nam dezelfde positie in ten opzichte van de dijk. Wortels steken onder de dijk uit waar het water stukken aarde heeft weggeslagen. Waar bij Schellinks de kerktorens van Amsterdam prijken, tekende Goblé het silhouet van Zutphen.

Opvallender nog, de figuurgroep rechts komt letterlijk overeen. Zowel bij Goblé als bij Schellinks staat een man die zijn armen naar de hemel heft. Een andere man helpt een derde het laatste stukje van de dijk op te klimmen.

De kracht van herhaling

Kunstenaars aan het einde van de 18de eeuw hoefden niet lang te zoeken voor de gravure van Schellinks. De prent werd nog vaak gekopieerd. Zo figureerde een reproductie van Schellinks’ ontwerp in een almanak voor de jaren 1800.

Doorbraak van den Diemerdijk, in Vaderlands zakboekje
J. van Haastert naar Willem Schellinks, Doorbraak van den Diemerdijk, in: Vaderlands zakboekje, ter bevordering van wetenschappen en fraaije letteren. Of Almanak voor het jaar 1800 (Amsterdam [c. 1800]), Pl. 6. Bron: Delpher

De herhaling zorgde ervoor dat de herinnering aan de doorbraak levend bleef. Bovendien legde men in nieuwe teksten bij reproducties steevast de nadruk op het geweld van het water. Zo schreef een anonieme dichter in de genoemde almanak voor het jaar 1800 de regels:

’t Water, buldrend opgestegen / Beukte sluizen, dijk en dam, / Niets hield dit geweld meer tegen, / ’t Stevigste gewricht wierd lam.

Vaderlands zakboekje (Amsterdam [c. 1800]), p. 19, geraadpleegd op Delpher.

De dijkdoorbraak van 1651 was te boek komen te staan als een van de meest heftige dijkbreuken in de geschiedenis van de Republiek. Dit maakte dat men er nog steeds lessen uit kon trekken.

Ten slotte

Hoewel Goblé, net als Josi, een binnendijk afbeeldde, bleef de zeedijk van Schellinks een referentiepunt. De dijkbreuk bij Amsterdam werd met terugwerkende kracht gezien als een van de meest heftige doorbraken op Nederlands grondgebied, mede dankzij Schellinks’ voorstelling. De doorbraak van de Diemerdijk, die het geweld van het water was gaan symboliseren, gaf de prent steeds opnieuw weer een actualiteitswaarde, ook nog in de 18de eeuw. En misschien nog steeds wel.


Meer lezen?

De populariteit van Schellinks was ook onderwerp van een eerdere blogpost met de titel Toonaangevende prenten uit het verleden. Ook schreef ik over hergebruik van oude voorstellingen bij recente rampen, bijvoorbeeld in Sprinkhanen en tovenarij in 1747 of in Hoe komen bomen op een zeedijk terecht?

Voor het gedenkboek over de overstromingen van 1784, zie:

Anoniem, Naauwkeurige beschryving der Overstroomingen, benevens derzelver treurige gevolgen, zo buiten als binnen deze Republiek, in den jaare 1784 voorgevallen. Met Kunstplaaten (Leiden en Amsterdam: F. de Does en I. de Jongh, 1785). [dbnl en Google Books]

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Back to Top