Hoe komen bomen op een zeedijk terecht?

Meer inzicht in de werkwijze van uitgevers, graveurs en etsers verklaart soms details die in eerste instantie onlogisch lijken. Op een aquatint van de overstromingen bij Harlingen in februari 1825 staan bomen op een zeedijk. Op een zeedijk wortelen echter zelden hoge bomen. Voor de prent hergebruikte de niet op de prent vermelde kunstenaar een drukplaat van een overstroming in het rivierengebied in 1809. De bomen van de Arkelense dijk bij Kedichem, een binnendijk, kwamen daarmee op de zeedijk bij Harlingen terecht.

De zeedijk bij Harlingen

Op 8 februari 1825 publiceerde de Leeuwarder courant alarmerend berichten vanuit Harlingen.

De drie vorige dagen waren voor de ingezetenen dezer stad, en in die van de ommestreken, vol van bekommering en angst!

Leeuwarder courant, 8 februari 1825, p. 1

Ten zuiden van de stad Harlingen hadden inmiddels twee grote doorbraken plaats gevonden in de zeedijk tussen die stad en Makkum. Een groot deel van Harlingen was onder water gelopen en er waren ook mensenlevens te betreuren, zo was in de dagen erna in verschillende Nederlandse kranten te lezen, bijvoorbeeld in de Utrechtse courant.

Een van de doorbraken is kort erna in prent gebracht. Op de aquatint ligt een ommuurde stad in een overstroomd landschap. Op de voorgrond breekt de dijk. Een man heft zijn armen naar de hemel. Een vrouw keert zich om en verbergt haar gezicht in haar handen, terwijl de rest van het getroffen gezin zich van de rampplek verwijderd. ‘Doorbraak der Zeedijk bij Harlingen in Febr 1825’, staat er onder de prent geschreven.

Op de voorgrond breekt de zeedijk bij Harlingen. Een groepje mensen kijkt wanhopig toen. Aan de horizon is de stad Harlingen afgebeeld. Op de dijk staan twee bomen.
Anoniem, Dijkdoorbraak bij Harlingen in 1825, aquatint, h. 330 mm, Zuiderzeemuseum Enkhuizen, 022174. Bron: Zuiderzeemuseum

Een medewerker van het Zuiderzeemuseum merkte bij deze voorstelling op:

De titel van de prent is enigszins misleidend. Om een doorbraak in een zeedijk kan het hier niet gaan. Aan weerszijden van de doorgebroken dijk staan namelijk bomen. Het gaat dus om een binnendijk.

– Zuiderzeemuseum collectie online

Als we de werkwijze van de maker reconstrueren, kunnen we de oorzaak van de vergissing achterhalen. Deze wilde wel degelijk de zeedijk bij Harlingen afbeelden.

De rivierdijk bij Kedichem

Voor de voorstelling van de dijkdoorbraak hergebruikte de (anonieme) maker een drukplaat van A. Lutz naar een tekening van G. Groeneveld. Naar aanleiding van de overstromingen in het rivierengebied in 1809 ontwierp Groeneveld een reeks van drie afbeeldingen waarnaar Lutz de aquatinten maakte. De uitgevers van de reeks waren J. van Druenen en L. Zimmermann in Amsterdam.

A. Lutz naar G. Groeneveld, Het instorten der huizen bij Erichem in 1809, aquatint en ets, h. 690 mm. Rijksmuseum Amsterdam, RP-P-1907-2143. Bron: Rijksstudio

De reeks toont de instortende huizen in Erichem, de bezwijkende kisting in Gorinchem en een dijkdoorbraak bij Kedichem. Een deel van de laatste voorstelling vertoont grote overeenkomsten met de afbeelding van de zeedijk bij Harlingen. Hij is gedeeltelijk zelfs identiek. De enscenering van het landschap in de voorgrond, inclusief de figuurgroep, is hetzelfde. In het water drijft een dood paard. En ook de bomen zijn gelijk.

Op de voorgrond breekt de Arkelense dijk bij Kedichem. Een groepje mensen kijkt wanhopig toen. Op de dijk staan twee bomen.
A. Lutz naar G. Groeneveld, Doorbraak van de Arkelense dijk bij Kedichem in 1809, aquatint en ets, h. 525 mm, Rijksmuseum Amsterdam, RP-P-1907-2144. Bron: Rijksstudio

Groeneveld tekende een doorbraak van een rivierdijk, met daarop bomen. Zijn ontwerp fungeerde als uitgangspunt voor de aquatint van Lutz. Deze werd vervolgens hergebruikt voor de prent met de doorbraak van de zeedijk bij Harlingen. Mogelijk hadden de Amsterdamse uitgevers de drukplaat in bezit gehouden en besloten zij deze opnieuw te gebruiken na de ramp bij Harlingen in 1825. Het kan ook zo zijn dat Lutz opnieuw met de oude drukplaat aan de slag ging. Hoe dan ook, de maker sneed de voorstelling iets bij, rechts en bovenaan, en paste de achtergrond aan. Ten slotte verruilde de maker het kleine kerkdorp aan de horizon voor een grote ommuurde stad: Harlingen.

Een zeedijk met bomen

De prent van een doorbraak in het rivierengebied werd een voorstelling van een bezwijkende zeedijk. De maker hergebruikt de drukplaat van 1809, paste enkele details aan, maar haalde niet de bomen weg. De bomen van de Arkelense rivierdijk kwamen zo op de zeedijk bij Harlingen terecht.


Lees ook mijn andere artikelen over voorstellingen van watersnood, zoals dit over de overstromingen van 1740-1741 of dit over de Sint-Elisabethsvloed van 1421.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Back to Top